HomeEenige opmerkingen omtrent het aanhangige wetsontwerp op het Hooger OnderwijsPagina 42

JPEG (Deze pagina), 974.52 KB

TIFF (Deze pagina), 7.87 MB

PDF (Volledig document), 47.56 MB

,7; _ _ V ,”___. ,,, _,_ _,_ _<_,__, ., `._, . . , .,-,_,,,,­,,... . «..­ .., we ,.­ »-. ­.·.··­·.­. ·­,·.«`­,­« T­T­a­­··»»·~~­­~·­~­•~«·­= ­­··-~ ,,,
U f, , ‘ ,
i , 40
g l
Q bekend zijn. En indien men mocht meenen dat de elemen-
ten niet te vinden zgn om aan de gymnasiën thans de
l j gewenschte uitbreiding te geven, dan houde men in ’t oog,
T dat door de geringe aanmoediging - stoffelgke zoowel Vl,
j als moreele ­ goede krachten aan het gymnasiaal-onder-
, - ` wijs zijn onttrokken. De belooningen e11 de vooruitzichten , jl
r zgn van dien aard, dat het meer te verwonderen is, dat I j _
_ jongelieden van talent zich aan deze loopbaan wijden, dan ·
l dat men recht zou hebben om zich te beklagen dat er geen
A werf princzpcs op onze scholen werkzaam zouden zijn. Ik g
geloof echter, dat wij ook op dit terrein vooruit zijn ge- , l
.. gaan; voor zoover ik kan nagaan, heeft de lectuur zich
’ over ’t geheel uitgebreid; en dat de leerboeken voortdu-
rend afwisselen, bewgst althans dat wij aan de vroegere _
'· sleur ontwassen zijn. g
Het blgkt uit het gezegde, dat de grootere gymnasiën, p ll
j die thans door de wet bedoeld worden, ons niet zoo geheel
vreemd zijn; de hinderpalen tegen hun bloei lag in de i
omstandigheid, dat vele hoogere inrichtingen (niet alleen
j · de nog bestaande universiteiten) een gedeelte van hun jl
` programma overnamen. De beperking der inrichtingen tot "M
i' een geringer aantal klassen was niet tot stand gekomen door `
,_ eene overtuiging van de doelmatigheid dier inkrimping, ·
maar door den drang der omstandigheden. Hoogcre scholen
waren in ons kleine land veelvuldig en overal bg de
hand. Ook meen ik na het gezegde veilig te mogen
stellen, dat het stedelijk toezicht als zoodanig nadeelig
f was, omdat het bestuur de verantwoordelijkheid in on-
geschikte handen legde en niet daar, waar het be-
hoorde. Dat daarbij vroeger de omstandigheid kwam, dat
E er geen literarisehe faculteit bestond en ongesehikte do- ,
_.r,_m-_,., ,-. . . t ` `/r‘j ‘