HomeEenige opmerkingen omtrent het aanhangige wetsontwerp op het Hooger OnderwijsPagina 29

JPEG (Deze pagina), 914.00 KB

TIFF (Deze pagina), 7.91 MB

PDF (Volledig document), 47.56 MB

is i ’ ~ r 1
` ` 7
27 ¤· j .
in overtuiging heeft zeker den Minister ook geleid tot de
vergunning aan de Athenaea om op zekere, door den Qi
# Koning te stellen, voorwaarden wetenschappelijke graden
i toe te kennen (Art. 66). Het komt mg intusschen voor l
‘ niet boven bedenking verheven te zgn. De Regeering heeft ,
geen invloed op de keuze der personen, aan wie zg eene i
zoo belangrgke bevoegdheid toekent. En wanneer de ver- `
gunning eens gegeven is, zal zij moeilgk bij veranderde l
'"¢· omstandigheden weder in te trekken zijn. De Regeering
behoorde de benoeming van professoren te hebben; eene
met redenen omkleede aanbevelingslgst van Curatoren zou ~
door den gemeenteraad niet zgnc consideratiën aan den , L
_ i Minister ingezonden kunnen worden. -
Het schijnbaar minst belangrijke deel van het wetsont- V
j` werp maar dat toch het meest in eene dringende behoefte .
ï voorziet is titel II, hoofdstuk I, van de gymnasia. Ook na
. hetgeen door mun vriend Naber in het J uninommer van ,,de
Gids" van 1868 en later over dit onderwerp geschreven is, blüf j
ik bij mijne vroeger uitgesprokene meening (,,Weekblad voor .
het H. O.", 1868, no. 7, 9 en 11), dat het propaedeutisoh « j
_ onderwijs naar de gymnasiën moet worden overgebracht, en
vind ik ook geen reden om na de bedenkingen van de redactie g.
i van genoemd weekblad op de formuleering van mijnwensch .
V [ terug te komen. De bedoelde redactie heeft aan het woord ,
.. propaedeutisch eene nieuwe beteekenis gehecht, in zooverre ·
{ als zij ook het Romeinsche recht voor den jurist tot de
1 propaedeusis brengt. Dit zou aanleiding kunnen geven tot `
verwarring. Ik houd mij eenvoudig aan de algemeen
gangbare beteekenis; ik bedoel met propaedeutisch onder- 1
wijs dat, wat thans op de hoogeschool voor het propae­
z