HomeEenige opmerkingen omtrent het aanhangige wetsontwerp op het Hooger OnderwijsPagina 25

JPEG (Deze pagina), 899.28 KB

TIFF (Deze pagina), 7.87 MB

PDF (Volledig document), 47.56 MB

_, Ai.· ` _ l vv lllPhNw##m_”*M_MmM;£­l*lrl­Nw*wäwM_
V
1 [Q,
B
l 23
is in tal va11 leerboeken en monographieën beliandeld (ill
· wordt, althans 312Lll‘ ee11e onzer hoogeseliolen, sinds jaren in
d" opzettelijke lessen i11 zooverre met goed gevolg behandeld,
dat die voordrael1ten met de meeste getronwlieid en belang-
stelling door de stndenten in de literatuur worden bij- `
gewoond. "
A A Indien nn de l)OV€l1 (sub 1-4) gemelde vakken moete11 »
gerekend W()YdGl1 onder Z; (taal- en letterkunde) begrepen _
te zijn, dan is liet a fortiori liet geval met geschiedenis l
ix der letteren. Immers onderwgs in de /«e/team is niet de11k-
baar zonder geschiedenis der letteren en daarvan nauwe- j
lijks te onderselreiden. Afzonderlijke vermelding van ge- l
sehiedenis der letteren is dns, l1et beginsel van den l
V ontwerper in aanmerking genoinen, niet bepaald noodig.
Maar anders is het met Griekselie Gll ltomeinselre ondlreden.
Voor het zakelijk deel der klassieke pliilologie hebben o11ze E
‘ geleerden altijd weinig belangstelling getoond; tekstkritiek p
praedomineerde zoozeer, dat de ,,Altertlnnnswissenseliaft"
van F. A. Wolf weinig beoefenaars vond. Zonder iets te
kort te wille11 doe11 aan het belang van die kritiek, tot l
de beoefening waarvan ook liet noblesse obiigc ons moet
ä D aansporen, betwijfel ik toeli, of die aeliterstelling van het
j zakelijke wenselielijk is. Door ee11e wet zal me11 zeker een ä
I vak niet releveeren, maar het gaat tooh te verre, wanneer ä
de antiqniteiten geïgnoreerd worden. Aantrekkelijker zal
het onderwijs va11 döll gymnasiaal-doeent zijn, wanneer hg
zioh bij zijn onderwns i11 de oude wereld weet te verplaat­ .
* sen. Al ware liet alleen op deze11 g'l`011(l, dan moest de
E ondlieidkunde l1ier l1are plaats als onmisbaar vak ontvan-
gen. De wet bedoelt zeker de bevordering der wetenseliap Qi
Q en niet zoozeer de praktijk. Maar men vergete toel1 niet, I;
Q 2
l l
1 l