HomeVoorheen en thans, 1828-1878Pagina 46

JPEG (Deze pagina), 848.68 KB

TIFF (Deze pagina), 7.13 MB

PDF (Volledig document), 57.47 MB

t l
ll Q j
tt .
­ minst belangrijke gedeelte hunner taak: dat van mede
ll te werken tot uitbreiding der wetenschap, en daartoe ·
moeten zij kunnen beschikken over die, soms kostbare, Q
hulpmiddelen, welke althans in vele gevallen voor een
grondig onderzoek onmisbaar zijn geworden.
lf Maar toch, waar het geldt niet enkel een juisten blik
in het verleden maar ook in de toekomst te slaan, mag ‘
men zich niet laten verblinden door het schitterende van
g het heden, zoodat men meenen zoude dat er geen enkele l
schaduw, geen schijn van eenig gevaar zou bestaan, j
F zoo niet nu reeds, dan in de toekomst. I·Iet beste middel J"
om schaduw te verdrijven is er licht op te laten vallen.
E Een erkend gevaar is half overwonnen.
E Ik zal pogen duidelijk te maken, wat ik hier bedoel,
maar daartoe moet ik een omweg inslaan.
Vooreerst merk ik op dat kennis en wetenschap, ofschoon
lg dikwijls met elkander verward, toch wezenlijk zeer ver-
schillende begrippen zijn. Iemand kan eene groote mate
§ç‘ · van kennis bezitten, zonder daarom nog een wetenschap-
pelijk man te zijn. Een hortulanus, die al de duizende
planten in den h.ortus kent en deze met namen weet te
noemen, veel beter soms dan de professor, is daarom Q
nog geen botanicus. Feiten nu zijn de inhoud der kennis; ·
FIA? de uit die feiten door het verstand, dat combineert, 1
vergelijkt, langs logischen weg gevolgen trekt, afgeleide
algemeene begrippen ,zijn de inhoud der wetenschap.
Kennis kan op zich zelve bestaan; dan is zij eene W ,
in het geheugen opgenomen en bewaarde verzameling
van feiten; eerst waar de onderlinge samenhang, het l
noodzakelijk verband der feiten erkend is, ontstaat
wetenschap. Kennis is analytisch, divergeerend; weten-
schap synthetisch, concentreerend. Niet elke kennis, niet
elke nieuwe ontdekking, niet elk nieuw gevonden feit
mag derhalve eene aanwinst voor de wetenschap worden l
ll Q
l‘
lê ~ " ‘
l .