HomeDe methode welke thans bij de beoefening der sterrenkunde moet gevolgd wordenPagina 20

JPEG (Deze pagina), 789.08 KB

TIFF (Deze pagina), 8.26 MB

PDF (Volledig document), 28.35 MB

il
t i a ·l~
18 Q
vroeger werd zij voor het bloote oog weder geheel onzicht­ i
baar. Zoo gaf de spectraalanalyse ons het bericht van eene l
_ ontzaglijke katastrophe in het hemelruim op zulk een afstand
van de aarde, dat zeker tientallen van jaren sedert dien jj
brand waren verloopen voor dat het licht ons de tijding
daarvan had overgebracht.
Te midden dier vaste sterren, waarvan de natuur door de
ontleding van het licht ons nader was geopenbaard, beven- ·
den zich de nevelvlekken en sterrenhoopen, waarvan de
samenstelling en beteekenis niettegenstaande de menigte van
gissingen welke men had gewaagd, nog bijna geheel onver-
klaard waren gebleven. Zooals ik reeds in den aanvang
zeide, was de groote vraag: zijn de nevelvlekken opeen­ `
hoopingen van kleine sterretjes zoo dicht bij een dat 1nen _
deze niet afzonderlijk kan waarnemen ,~of zijn het werkelijk lich-
tende gassen. In gespannen verwachting zag men uit naar het-
geen de spectraalanalyse hieromtrent zou leeren, maar het ant- ' j
woord op de vraag was niet gemakkelijk. De geringe sterkte van j
het licht, dat ontleed moest worden, eischte een geoefend
waarnemer en voortreffelijke werktuigen, waarover slechts
enkelen konden beschikken. Doch al kostte het moeite, het '
onderzoek werd volbracht, en de uitspraak tot welke het j
recht gaf, luidt: dat hoewel eenige der nevelvlekken uit F I
verzamelingen van sterren bestaan, daarentegen andere in-
derdaad opeenhoopingen zijn van gassen of dampen, waar-
van de samenstelling echter nog onzeker blijft. Mogen wij
nu dadelijk deze .gasmassa’s, zooals door enkele natuuron­ j
u
(
I