HomeDe methode welke thans bij de beoefening der sterrenkunde moet gevolgd wordenPagina 17

JPEG (Deze pagina), 656.30 KB

TIFF (Deze pagina), 8.41 MB

PDF (Volledig document), 28.35 MB

l r
I
l
T
15
l de waarnemingen van andere natuurkundigen eene theorie
aileidden, welke leerde dat de stralen , die door eene lichtge- `
vende stof worden uitgezonden , voor deze karakteristiek
jr zijn, zoodat met een enkelen blik op de in het kleurenspec­
’ trum naast elkander liggende bestanddeelen de scheikundige -
i· samenstelling en de physische gesteldheid der lichtbron kan
l worden herkend. Zij toonden tevens aan dat, zoo een him-
* del stralen zijn weg neemt door een meer of min doorschij-
l nend medium , hierdoor enkele van de deelen , waaruit hij
l bestaat , worden terug gehouden , hetgeen zich bij de pris-
· matische ontleding verraadt door het ontbreken van bepaalde
kleuren.
I? Het was nu niet meer alleen de richting der lichtstralen
j maar ook hunne samenstelling, welke men kon ondervragen
j aangaande de lichamen en krachten in verwijderde hemel-
streken, en dat deze ondervraging niet vruchteloos zou zijn
j toonde Kirchhoff reeds terstond aan door met betrekking tot
i { de samenstelling van de zon de belangrijkste gevolgen uit
E zijne theorie af te leiden , die de daaromtrent heerschende
j denkbeelden geheel wijzigden. Deze al dadelijk verkregen
l resultaten spoorden ten krachtigste aan op den ingeslagen
i weg voort te gaan; de daartoe noodige hulpmiddelen, aan-
+ vankelijk gebrekkig later meer en meer volkomen, werden
bedacht en vervaardigd, en zoo ontwikkelde zich naast de
li oudere waarnemingsmethode, de zoogenaamde Optische- of
ly Spectraalanalyse als een nieuw hulpmiddel ter uitbreiding
j der astroiiomisclie ivetcnscliapi In den beginne was de
'F
jv
l i