HomeHet tegenwoordig standpunt der dierkunde, uit de ontwikkelingsgeschiedenis van deze wetenschap toegelichtPagina 28

JPEG (Deze pagina), 927.31 KB

TIFF (Deze pagina), 7.73 MB

PDF (Volledig document), 38.22 MB

ii ä
i 26 j
. [ ­ nakomelingen, weder volgens de wetten der erfelijkheid, ,
’ worden overgebracht. Het best kan dit worden waargeno­ J
i men aan cultuurplanten en huisdieren, wier veranderingen I `
_ jaren lang met den grootsten ijver en niet minder zorgvul-
digheid door Darwin werden nagegaan. Hij zag hierdoor, ,_
· . hoe de mensch in staat is kleine afwijkingen telkens te
j vergrooten, indien hij slechts de geschikte voorwerpen bij
i P de teelt weet uittekiezen.
z Ook in den natuurstaat vindt men een dergelijke keuze,
de vzaáumvteuzc, die altijd werkzaam is tot het doen ont- V
staan van alle1·lei afwijkingen. In de natuur bestaat voort-
E ` durend tusschen alle organismen, planten en dieren, een `
V; D strijd om het leven, die zijn oorsprong heeft in zeer ver-
schillende omstandigheden. De eene plant trekt b. v. uit
_ den grond een groot aantal voedende bestanddeelen en be-
i let daardoor een andere tot ontwikkeling te komen. De
plantenetende dieren vernietigen verschillende gewassen, zij _ *
zelve worden op hunne beurt door onderscheiden vleesch- |
etende dieren verscheurd. Deze strijd om het leven bestaat
echter niet hoofdzakelijk tusschen geheel afwijkende vormen ,
maar wel in de eerste plaats tusschen de verschillende in-
gl dividu’s, die tot dezelfde soort behooren. Van iedere soort
i van planten of dieren worden steeds veel meer individu’s _
geboren, dan kunnen blijven bestaan; deze voeren voort-
durend onder de meest ingewikkelde verhoudingen een strijd
om het leven, waarin juist die individu’s gespaard blijven, ’
die door deze of gene eigenschap iets boven de andere ,
vooruit hebben, beter dan zij in staat zijn aan nadeelige ‘
; invloeden van klimaat, grondgesteldheid en anderszins weer-
l stand te bieden, jongen voorttebrengen, die derhalve, we- l
j` derom volgens de wetten der erfelijkheid, de bijzondere af- ‘
,· - wijkingen bezitten, die nuttig zijn tot instandhouding der +
_ soort en deze in de nakomelingen te doen toenemen. Zoo-
als derhalve de mensch bij het kweeken van planten en A
dieren een bepaalde keuze onder zijne voorwerpen doet, om *
ii deze of gene verandering standvastig te maken en te doen °
vl
lr - · i
iig I -4