HomeHet tegenwoordig standpunt der dierkunde, uit de ontwikkelingsgeschiedenis van deze wetenschap toegelichtPagina 13

JPEG (Deze pagina), 927.22 KB

TIFF (Deze pagina), 7.58 MB

PDF (Volledig document), 38.22 MB

s‘ .
l ll
f vormen , trouwens bijna uitsluitend eerst na den embryonaal-
__ staat, betrekking hadden. Van een ook maar eenigszins
E geregelde nomenclatuur was evenmin sprake als van een
iets beteekenende systematische rangschikking. ls het wel . i
A te verwonderen, dat het niet zelden uiterst moeielijk is met { 1
voldoende zekerheid uittemaken, welk dier deze of gene
schrijver ook van dien tijd heeft bedoeld en dat dikwijls ` j J
dieren, die reeds eenige malen waren beschreven, als nieuwe r
vormen werden aangegeven? De dierkunde dreigde zich ä
tä op te lossen in een aantal meer of min belangrijke mono- ‘
graphiën, zonder dat genoegzaam de geregelde ontwikkeling
der wetenschap werd in het oog gehouden.
t Aan dezen in de toekomst geheel onhoudbaren toestand ë
· werd een einde gemaakt door den grooten invloed, dien u j
3 Linnaeus op de ontwikkeling der geheele natuurhistorische
wetenschap heeft uitgeoefend. Zonder twijfel mag hem te A
,,,, recht de naam van reformator der dierkundige wetenschap I?
worden toegekend, al kan hij geenszins aanspraak maken ·
l op dien van wetenschappelijk zoöloog naar de eischen van "
j onzen tijd. Tot het verklaren van het tegenwoordig stand- ;
punt onzer wetenschap is het noodzakelijk eenigszins uit- `à
voerig de beteekenis nategaan van Linnaeus voor de ont- ‘ i
wikkeling der natuurlijke geschiedenis in het algemeen. ”
j Zijn groote verdienste bestaat in de invoering van een ‘
I? nieuwe nomenclatuur en de samenstelling van een systeem, _
i dat, ofschoon volstrekt niet natuurlijk, een geregeld over- l
i zicht geeft van de onderscheiden natuurvoorwerpen en voor
, goed een einde heeft gemaakt aan de groote verwarring in ·_
· de geheele natuurlijke geschiedenis van ’t begin der acht-
· tiende eeuw. Te vergeefs hadden de natuuronderzoekers
j vóór Linnaeus naar een eenvoudige nomenclatuur gezocht.
ln al hunne werken vindt men in plaats van korte en dui- ‘ j
delijke benamingen der verschillende planten en dieren meer
4 of min uitvoerige omschrijvingen, die daarenboven nagenoeg .
g altijd ontoereikend zijn, waar het geldt na verwante vormen
A van elkander te onderscheiden. Linnaeus ,,binaire" nomen- j
··• l hij
i ë