HomeHet voor en tegen van de uitbreiding des Evangelie's onder de Javanen en andere Oost-Indische volkenPagina 21

JPEG (Deze pagina), 745.23 KB

TIFF (Deze pagina), 6.93 MB

PDF (Volledig document), 16.82 MB

nl '

l
1
l
15
minister van Koloniën, benevens de bedenkingen tegen
= die nota van den Resident J. D. mn Hmtwennnn,
Gron. 1849, voorts «Iets over de Koloniale aangelegen-
heden” van P. van Swxnrnn, 1849, en de gezegden van
eenen zekeren landeigenaar te Samarang die eenen verkoop
van gronden tot dadelijke verkrijging vanleenige millioenen
j «eene bespoztelgke Cltimère" noemt); of wel die de exploi-
tatie van onze tinmijnen op Banka aan particuliere onder- j
nemingen willen prüs geven , zonder de nadeelige gevolgen
te berekenen, die daaruit zouden voortvloeijen; en met l
· eene gepersonniliceerde wüsneuzigheid, de beschouwingen
van personen, die, meer dan zij, met Java en Banket be·
J kend zijn, trachten te wederleggen, ja zelfs in het ridicnle
g trekken , alsof zij verscheidene jaren in het midden der
Javanen doorgebragt, en deze met naauwgezetheid in hun
doen en laten bestudeerd hebben, alsmede de werkzaam~ j
l heden der tinmijnen op Banka hebben bijgewoond; ter-
wijl. weder andere schrijvers om hunne geschriften bijval
j te doen vinden, dezelve in tijdschriften , couranten enz.
j onder dagteekening van Samarang, Soerabaya of andere
ij plaatsen van Java laten opnemen. Doch wanneer die
F schrüvers zich verbeelden, dat hunne kunstgrepen uloor
den goed Ottd­Hollantler in het hoekje van den haard, met de
lange pgp in den mond en eene slaapmttts al ligt voor waarheid j
l zullen geslikt worden," zoo als nog zeer kort geleden een
J dusdanig Santarangïs OUDGAST schertsender wijze schreef,
Q dan vergissen zij zich deerlijk, want als men overgaat tot
het analyseren van zulke kakelbonte schrifturen, dan krijgt j
D men spoedig de overtuiging, zoo als de heer G. L. BAUD
voornoemd in der tijd te regt gezegd heeft, dat het per- in
sonen zijn «clie hanne kennis geheel uit boeken putten, met
minachting plaatselyke ontle1·vind·ing veroortlcelen en zich e
ï
li

l
l
i
l