HomeHet voor en tegen van de uitbreiding des Evangelie's onder de Javanen en andere Oost-Indische volkenPagina 14

JPEG (Deze pagina), 724.42 KB

TIFF (Deze pagina), 6.94 MB

PDF (Volledig document), 16.82 MB

Y"F’""‘ï­*‘ 'T" "”"""""“"""""”"”""”""`”"`_` " ” ” '
T
8
Gelukkig, ja zeer gelukkig, dat de Regering en hare
raadslieden ook in het bekeeren der Javanen, voor alsnog
dat heil niet gezien hebben, dat de voorstanders van het
proselitismus met zoo veel emphase er zich van voorspellen.
J Ik kan niet ontkennen, dat de vooruitgang van het
Christendom, zoo het heeten moet, in de Manakassa op
het Noord­0ostelijk gedeelte van Celebes gelegen , merkbaar
is, doch kan dit als een bewijs van goede uitkomst op
Java aangenomen worden? Neen, voorzeker niet, en wel (
om de natuurlijke reden, dat in de Manakassa, een af-
gelegen gewest, waar behalve de zendelingen weinig of 1,
geene Nederlanders zijn, de bewoners de gelegenheid niet
hebben , om getuigen te zijn van de zedeloosheid, onkuisch­ li
heid en dronkenschap, waaraan nog zoo vele Nederlanders r
op Java zich schuldig maken. Heeft de ondervinding niet 1
al te zeer geleerd, edat de inlander op Java, door den
omgang met den Europeaan zedelijk weinig beter wordt, {
maar daarentegen de Javaan der binnenlanden, bij zijne A
eenvoudigheid bewaard, in alle opzigten hooger staat,
dan de inlandsche bevolking, zoo als wij die op de groote
hoofdplaatsen van Java aantrellen?" Men moge getracht 9 J;
hebben dit te wederleggen, de argumenten daartegen
J ingebragt, zün zoo onbeduidend en van locale kennis ontè
bloot, dat ik ze liefst niet aanroer, om dien schrijver niet
in een belagchelük daglicht te stellen.
Zekere naamlooze schrijver, heeft mij naar het hoofd
durven werpen, dat ik wp eene harde en onjuiste wyze
de Europesche maazsehappy in Indië, ten opzigte van den
eerbied, die een ieder aan het Opperwezen verschuldigd is,°'
zoude aangevallen hebben. Ik vermeen mij boven zulke
verwütingen te kunnen verheffen, omdat ik noch de Euro·
pesche maatschappü, noch personen, maar alleen den