HomeOpen brief aan Zijne Excellentie Mr. W. baron van Goltstein, minister van koloniën te 's GravenhagePagina 13

JPEG (Deze pagina), 772.12 KB

TIFF (Deze pagina), 6.80 MB

PDF (Volledig document), 21.05 MB

..... Ill .......
blik hebben durven vleien, vooral toen de noodlottige
Atjeh­oorlog gaandeweg al de millioenen verslond, bü de ont-
vangst waarvan Nederland ten slotte toch wellicht nog
huiverig zou geweest zün om het streven van het Indisch
bestuur tot opvoering van de Indische inkomsten te steu-
nen en in de hand te werken. In verband met den loop
der zaken op staatkundig gebied geraakte het principieel
verzet tegen elke nieuwe belastingheffing, zoolang de o1n-
vang van Indië’s geldelüke behoeften niet behoorlük vast
' geregeld zou zün, meer en meer op den achtergrond,
om allengskens plaats te maken voor eene meer in bijzon-
derheden afdalende beoordeeling en overweging van de ‘
aan Indië’s Europeesche ingezetenen nieuw toegedachte
belastingen.
Het zijn vooral de op Java bestaande Kamers van Koop-
handel, die, getrouw aan het doel harer instelling, zich
aan dat onderzoek hebben laten gelegen liggen. Met nauw-
gezetheid werden de grondslagen van het belastingsplan,
voorzoover het van Regeeringswege ter harer kennis kwam
(van de ontwerp­ordonnancie op de personeele belasting
ontvingen zij nimmer mededeeling), door die vertegenwoor-
digers van de belangen van handel en nijverheid in Indië
overwogen, en van Uwe Excellentie heeft de Tweede Kamer
ter zitting van den 22 October jl. kunnen vernemen dat
naar aanleiding van de door die Kamers uitgebrachte ad-
viezen nbelangrnke wäzigingen, op twee punten althans,
win de ontworpen verordeningen gebracht z§n."
Tot juist begrip der zaak ware het naar onze bescheiden
E meening, van groot belang geweest, indien Uwe Excellen-
tie had kunnen goedvinden om der kamer ook in bi-
zonderheden mededeeling te doen van de bedoelde punten,
want het is ons altijd voorgekomen, dat de twee bepalin-
gen, die de Regeering op het advies van de Indische Ka-
mers van Koophandel wel goedgunstig uit de verorde-
V ning heeft willen lichten, er slechts bg vergissing of bij
toeval een plaats in konden gevonden hebben.
j Hoe toch zou het te verdedigen zijn geweest om als
I
I I