HomeProeve eener betere regeling van het Indisch comptabiliteits-wezen. I, Nieuw ontwerp, houdende regelen voor de wijze van beheer Pagina 87

JPEG (Deze pagina), 769.40 KB

TIFF (Deze pagina), 6.04 MB

PDF (Volledig document), 85.83 MB

73
Zie hier dus onze zienswijze over de betrekking van de be-
grooting tot den ,,voorraad", neven de menigte andere be-
schouwingen die het onderwerp reeds heeft uitgelokt, en die
allen hun oorsprong vonden in de vrees voor ,,dubbel emplooi."
Het bestaande stelsel is, ondanks al de kunstjês waarvan het
is doorweven, niet bijzonder geschikt om te beletten, dat die
vrees nu en dan in feiten worde geoondenseerd. De praktijk
I heeft eenige van die bevrozen vreesfragmenten te voorschijn
Q, gebragt, die niet gemakkelijk weder te ontdooijen zullen zijn.
jl Nu doen wij op onze beurt ook nog eens de vraag: zou dat
rl stelsel overigens bevorderlijk zijn voor een zuinig beheer?
Men oordeele uit het antwoord, dat ons eens gegeven werd
ii door eenen Direkteur der Burgerlijke Openbare Werken, op
l onze vragen:
M ,,of op die wijze niet altijd veel meer goed werd geëiseht dan
,,noodig was;
i ,,of dien ten gevolge niet altüd veel meer bewaard moest wor-
,,den, en dien tengevolge bedierf, of verloren raakte dan be-
, ,,hoefde;
en dus in één woord:
_ ,,of niet binnen een betrekkelijk korten tijd millioenen sc/iats
‘ ,,werden uitgegeven voor niets; zoomede, of per slot van reke-
A ,,ning niet dikwijls zich het geval voordeed, dat hetgeen men
Q ,,op een gegeven oogenblik noodig had, op dat oogenblik niet
i y/Ganwëzig ’LUG,S?”
§ Op dat alles was het antwoord een volmondig ,,ja!"
i Hoe nu verder volgens onze meening behoort te worden ge-
zf handeld niet de begroeting tegenover den voorraad van geld en
goederen, zullen wij trachten duidelijk te maken in ons V° on-
derwerp hierachter.
G Voor ’t oogenblik oordeelen wij genoeg te hebben aan deze
Q conclusie: het Administratief kapitaal is een voorraad geld en
goed, tusschen welken en de begrooting geene betrekking van
afhankelijkheid bestaat; het wordt onderhouden naar afzonder-
’ lijke ramingen van verbruik en aanvulling voor elk jaar, en
na ommekomst van elk jaar afzonderlijke rekening­courant
(gesplitst in kassa en materieel) verantwoord. (Zie ontwerp , artt.
; 3 en 4. Ten aanzien van dit laatste valt op te merken, dat
bij het tegenwoordig bedrag van het zoogenaamd administra-
l
e
l