HomeProeve eener betere regeling van het Indisch comptabiliteits-wezen. I, Nieuw ontwerp, houdende regelen voor de wijze van beheer Pagina 73

JPEG (Deze pagina), 626.05 KB

TIFF (Deze pagina), 6.05 MB

PDF (Volledig document), 85.83 MB

1
1
a
1
i
1
TOELICHTING VAN HET ONTWERP.
1
Deze toelichting betreft twee hoofdzaken:
I. de indeeling van het stuk,
II. de wederzijdsche betrekking tusschen deszelfs inhoud en
dien der wet van 23 April 1864.
Op I moet reeds de aandacht zän gevallen bij eene vlugtige
inzage van het ontwerp. Met II is dit minder waarschijnlijk,
en achten wij mitsdien eene kleine wegwijzing niet overbodig.
Blpkens onze aantooning A worden bij de regelen voor het
beheer in de eerste plaats ter zijde gesteld - als betreffende
de Verantwoording en den Overgang - de volgende bepalingen
_ der wet van 23 April 1864:
artt. 6, tweede lid, 20, tweede lid, 24, 25, 45, vierde lid,
50 tot en met 66 (except § 4 van art. 61), 74 tot en met 84,
en 86 tot en met 99. VVij stellen ons voor deze voorschriften
ter sprake te brengen bij de bewerking van het Tweede stuk
van dit nummer.
Die aantooning vermeldt voorts de na te noemen, het beheer
betreffende, bepalingen der wet als behoorende te vervallen:
artt. 1, 8, tweede en derde lid, 12, eerste lid. 19, 20,
eerste lid, 26, tweede lid, 27, eerste lid, 28, 32, 35, 37, 45,
eerste, tweede en derde lid, 46, 47, § ei, en 71, derde lid.
Hieruit blijkt dadelijk de strekking van het ontwerp omtrent
eenige hoofdpunten, als:
a. behandeling van voorschotten buiten de begroeting;
b. opheffing van het preventief ioezigt der Rekenkamer;
0. verwgdering van overbodige bepalingen.
Aan deze hoofdpunten schakelen zieh de overige vast bij
het raadplegen der aantooning B.