HomeProeve eener betere regeling van het Indisch comptabiliteits-wezen. I, Nieuw ontwerp, houdende regelen voor de wijze van beheer Pagina 47

JPEG (Deze pagina), 717.58 KB

TIFF (Deze pagina), 6.11 MB

PDF (Volledig document), 85.83 MB

YH

`ï ee
{ ’s Rijks uitgaven, bij het eerste hoofdstuk der begroeting voor
" Nederlandseh­Indië geraamd.
` Van dusdanige afschrijving wordt mededeeling gedaan aan
l de algemeene rekenkamer in Nederland.
ART. 29. Behoudens het bepaalde bh art. 5, heeft geene
af- en overschrijving van- en op afdeelingen, onderafdeelin-
gen en artikelen der begrooting van uitgaven plaats, dan na
, verkregen goedkeuring der magt, die de afdeelingen, onder-
afdeelingen en artikelen heeft vastgesteld.
Am:. 30. Indien het belang van de dienst vordert, dat
uitgaven, op het eerste hoofdstuk der begroeting gebragt, in
Indië worden gedaan, of omgekeerd, dat uitgaven, op het
tweede hoofdstuk der begroeting uitgetrokken, hier te lande
geschieden, behouden Ons voor, de betrokken sommen
op hoofdstuk I te verminderen, en die op hoofdstuk II met
een gelijk bedrag te verhoogen, of omgekeerd.
F Zoodanige af- en oversehrhving betreft alleen dezelfde soort
van uitgaven.
Ons besluit, de overschrijving gelastende, wordt in het
Staatsblad geplaatst, en voorts aan de Staten­Generaal, aan
den Gouverneur-Generaal van Nederlandsch­Indië, en aan de
algemeene rekenkamers in Nederland en in Nederlandsch-
Indië medegedeeld.
Aivr. 31. Wanneer de Gouverneur-Generaal van Neder-
v landsch­Indië, uit kraohte van de hem bij het Regerings-
reglement voor Nederlandseh-Indië verleende bevoegdheid,
Q credieten boven de begroeting opent, doet hij daarvan mede-
deeling aan Ons en aan de algemeene rekenkamer in Ne-
W derlandseh-Indië.
j Die credieten worden binnen den kortst mogelrjken tijd
I aan de bekrachtiging der wet onderworpen.
, Ieder crediet wordt aan de begroeting toegevoegd en daar-
j mede gelijktijdig verantwoordg ·
4 AFDEELING VI.
I Van het Z2e7zem· der bcgrootioig.
5 Am. 32. De Gouverneur­Generaal van Nederlandsch-Indië
W heeft het algemeen bestuur van ’s lands geldmiddelen en
N eigendommen aldaar.
ïf 3
li