HomeProeve eener betere regeling van het Indisch comptabiliteits-wezen. I, Nieuw ontwerp, houdende regelen voor de wijze van beheer Pagina 121

JPEG (Deze pagina), 861.27 KB

TIFF (Deze pagina), 6.12 MB

PDF (Volledig document), 85.83 MB

107
structiën goed, zijn e1· straffen op de overtredingen bepaald, zijn die
straffen in ieder geval naar beliooren toegepast, dan is de minister
altijd gedekt: want, niet voor de uitkomsten van zijn beheer, alleen
voor de middelen, die hij bezigde om goede uitkomsten te verkrijgen,
kon hij verantwoordelijk zijn; doch niets bepalende omtrent de aan-
sprakelijkheid zijner ambtenaren, loochent hij stilzwijgend hunne zelf-
standigheid, en neemt hij al de gevolgen hunner dwalingen en misvat·
tingen en dus ook de uitkomsten van het beheer voor zijne rekening.
Zoo lang men de ministeriële verantwoordelijkheid niet aldus begrijpt,
zal zij den Staat geen nut aanbrengen.
Het toezigt eener Rekenkamer kan wel de werking verzekeren van
die verantwoordelijkheid, maar er nooit voor in de plaats treden.
Als de minister de vorderingen ten laste van zijn departement verevent,
dan kan de Rekenkamer na de betaling die vereveningen controleren,
doet die Kamer daarentegen zelve de vereveningen vóór de betaling,
dan is er niemand die haar controleert.
Men zegge niet, dat het onderzoek bij het ministerie, en
vervolgens ter Algemeene Rekenkamer, beide vóór de betaling, een
dubbelen waarborg schenken: juist het tegendeel, het is veeleer te
vreezen, dat de ambtenaar bij het ministerie, wetende dat hij er niets
bij waagt, de zaak zal laten aankomen op den ambtenaar bij de Re-
kenkamer, die, op zijne beurt, wetende dat hem geene latere con-
tröle wacht, er zich evenmin om zal bekreunen. Begaat die ambte-
naar van de Rekerkamer eene fout-­­-gesteld dat hij aansprakelijk was
voor de schade--dan behoefde hij nog voor geene ernstige gevolgen
beducht te zijn: vóór de verevening toch is er nooit iets meê ver-
beurd, want dan is de fout te herstellen; ná de verevening en na
de betaling vooral, zon zij maar hoogst zeldzaam meer te ontdekken
zijn, want de bijlagen zijn dan reeds door dien ambtenaar zelven on-
bruikbaar gemaakt, en naar het archief verzonden, om na eenig tijds-
verloop geheel te worden vernietigd. En zoo ziet men, dat juist door
den dubbelen waarborg, dien men hier zoekt, alle waarborgen wor-
den gemist. Men streeft liet doel voorbij!
De Leden van de Rekenkamer, zeggen we, kunnen niet alles zelf
onderzoeken, vooral niet op den tegenwoordigen voet. Vraagt men
nu soms, of zij dit in een ander systhema dan zoo veel beter kunnen
doen; voorzeker ja, en zie hier waarom: vóór de betaling moet iedere
vordering (en daar zijn er ieder jaar ongeveer vijf en twintig duizend),
als eene afzonderlijke rekening worden behandeld, geboekt, genom-
merd, weer afgeschreven, enz., enz. Dit alles geeft reeds veel ma-
teriëlen arbeid en oponthoud, en laat dus, zal de schuldeischer niet
al te lang wachten, zoo veel minder tijd voor het eigenlijk onderzoek.
Bij dat onderzoek heeft men niet alleen de bescheiden te raadplegen,
die bij de vordering zijn overgelegd, en voorts den post der begroo-
ting, zijne omschrijving, enz., maar daarenboven eene menigte van
stukken, die in het archief van de Kamer verspreid liggen, en waar