HomeProeve eener betere regeling van het Indisch comptabiliteits-wezen. I, Nieuw ontwerp, houdende regelen voor de wijze van beheer Pagina 102

JPEG (Deze pagina), 816.56 KB

TIFF (Deze pagina), 6.08 MB

PDF (Volledig document), 85.83 MB

( ____ ______gg p pp
li
je 88
il ,, . ..
M voor dat van 1869 gedurende eene maand die van 1868. Wij
jl beroepen ons op de getuigenis van alle administratiën, welk
een tijdverlies, misverstand, twijfel, oponthoud, - niet zelden
E stremming -­~ door het werken op die voorloopige begroetin-
g gen zijn veroorzaakt geworden.
Het is reeds meer dan voldoende bewezen dat één `aar
7
niet toereikende is voor opmaking, vaststelling en tijdige
« ­ afkondigin ‘ der begroeting. Men stelle dus liever in den
( ¤ 8 ¤ ¤ _ _
* regel om de twee jaren eene zelfde begroeting voor elk dier "'
I jaren vast (aant. VI bladz. 47-49), en behoude zich voor
l om, zoo noodig, de geheele begroeting of een deel er van
I voor één jaar, of, ingeval zulks wensehelijk zou kunnen zijn,
‘ voor meer dan twee opeenvolgende jaren in ééns te arresteren.
· § 4. Vaststelling. Art. 50 van het ontwerp drukt alles uit
wat wü te dezer zake bedoelen. Ook in verband met § 3
( jl hierboven vermeenen wg het aangegevene zonder nadere tee-
T lichting te kunnen voorbijgaan.
j Hoofdstuk VIII van het ontwer handelt over de uitvoerin
Hij • ;; • P • •
gg der begroeting; van de daar inaohtgenomen 1ndeel1ng kan ook
.= ‘ . ‘ .
ii hier weder gebruik weiden gemaakt.
§ 5. L2/comsten en uitgaven tot de dienst van een jaar behoo-
rende.
Met betrekkin tot dit unt zi'n wi` zoowel voor de in-
,j P J J v
l§ kemsten (ontvangsten) als voor de uitgaven, begonnen met
vg; geld en materieel van elkander te scheiden. De beschouwing
van de verschillende betrekkingen, waarin de Staat zelf tot
ilï onderhoud van zi`n eld- en eederenvoorraad werkzaam is
j_ nl g g l 7
tij heeft ons geleid tot de kennis van de uitzonderingen, waaraan
M . . . . . .
de in het II<= onderwerp (Administratief Kapitaal) hiervoren
gestelde algemeene regel: dat ’s lands geld- en goederemzoorraad
èj eene zaak is buiten de begroeting onderworpen is. «'
` a. De Staat is landbouwer, mijndelver,nijverheidsbedrijver.
7 De goederen die hä als zoodanig verkrijgt maken een deel
l (*) Blijkens art. 51 stellen wij bij de uitvoering der begroeting de inkomsten volkomen
gelijk aan de warkelä/ce l’as­on!vanga!m. De staat kent zijne schzzlden en is er goed voor:
( de betaalbaarstelliiig is voor den houder zoo goed als geld; daarom is de uzigaaf gedaan,
zoodra er is betaalbaargesteld en de betaling doet verder niets tot de zaak; de schuldei-
scher kan die trouwens naar verkiezing doen vervroegen of uitstellen. Eene inkomsi
echter is nooit bepaald vóór dat de storting in ’sla11d.v kas heeft plaats gehad; eerst dan
wordt de begroeting goedgeschreveu.
li