HomeOverzigt van hetgeen met de Spoorwegen op Midden-Java is voorgevallenPagina 26

JPEG (Deze pagina), 785.73 KB

TIFF (Deze pagina), 7.81 MB

PDF (Volledig document), 40.40 MB

. lä
i P
l
j 24
, Nederlandsch 1ndie, dat vermoedelijk de aftreding van den
opperlandvoogd ten gevolge zou hebben en dit zelfs noodzakelijk
moest maken, na de plaats gehad hebbende demonstraties van
den keizer en den sultan te Solo en Djoeja, vóór en tijdens
_ de verleende concessie bij hunne hoven bekend werd.
ly ~ Die nog maar eenige waarde hecht aan het behoud van
ons moreel overwigt op Java, zal al het zwaarwigtigc van
eene loop van zaken als deze ligtelijk gevoelen
De Kamer zou den vertegenwoordiger des konings hebben
doen buigen voor den wil van een ambtenaar van het Mi- .
nisterie van Kolonien, xomier dat /l00_q sfaaásbelaag zal/cs eiscftzfe.
Het is almede de vraag, of de wetgever zou hebben willen ä
L beslissen in onderwerpen van teehnischen aard en daarbij voor
J ava, nog verder zou hebben willen gaan dan in Nederland bij de
concessie der zuider- en noorder­spoorwegen, en bij de wet
van 18 Augustus 1860 tot aanleg van staatsspoorwegen ; te
. meer nog nu het hier eene zaak betrof, waaromtrent de ge- .
‘. voelens zoo uiteenliepen en in welke zich tegenover den
adviseur van het Ministerie van Kolonien stelde de gouverneur-
generaal, die de spoorwegzaak in loco had nagegaan en het
toch bewezen was, dat niet a/Zes wat de heer Stieltjes
voorstond onvoorwaardelijk kon beaaind worden, dat ook hij jl
kon dwalen, - getuige zijne kanalisatieplannen voor de
scheepvaart, die bij de meeste indische deskundigen geen
bijval vinden; terwijl liet bovendien uit Stieltjes eigen woor-
eessie, door den Gouverneur-Generaal verleend, niet vom·l«mpiy was,z0o
als de heer Stieltjes haar op meer plaatsen van het Urcrrigl noemt.
Het was eene lwpualil verleende concessie, behoudens goedkeuring des
Konings en bekrachtiging door de wet, waar deze gevorderd mogt
worden. Men leze deswege bladz. 7 en 8 der memorie van den Gouverneur- l
Generaal, van 28 Augustus 1862, n°. 0. Geheim.
(1) Zie omtrent de waardering van het prestige van den Gouverneur- l
Generaal het slot der redevoering van den heer Mr. P. Müer, uitgesproken
in de zitting van de Tweede Kamer, van 21 Junii 1863, Bijblad van
de Slaals­C0urant. Vel 286, bladz. 1034.
ll
l
rl

l
ll

l
al
4 pg r