HomeVoorwaarden van verpachting van het recht tot het heffen van de tjoekee van het padiegewas en van de zoorgenaamde kleine middelePagina 4

JPEG (Deze pagina), 708.13 KB

TIFF (Deze pagina), 6.38 MB

PDF (Volledig document), 9.45 MB

1

S il
ll
I. Het eerste perceel, bestaande uit het recht tot het i
heffen van de tjoekee van het padiegewas en van de zoo-
naamde kleine middelen op de landen Tjiawie en Ben-
dongan.
II. Het tweede perceel, bestaande uit het recht tot j
het heffen va11 de tjoekee van het padiegewas en van de
zoogenaamde kleine middelen op het land Tjidjeroek. il
III. Het derde perceel, bestaande uit het recht tot
het heffen van de tjoekee van het padiegewas en van de
zoogenaamde kleine middelen op de landen Tjiawie, Ben-
dongan en Tjidjeroek, te zamen in een perceel. jj
De verpachter behoudt zich het recht voor gedurende
veertien dagen de al of niet toewnzing van de beide eerst- j
gemelde perceelen, dan wel van het laatste perceel voor
het hoogst gedane bod in beraad te houden.
Maakt de verpachter van dat recht gebruik, dan zal
hij zich uiterlijk op den 10 April 1883 bü acte moeten
verklaren, welke verklaring, houdende de al of niet toe-
wijziug van een of meer der perceelen, met overgave g
van afschrift der acte, alsdan uiterlük den 12 April1883 E
aan de meest biedenden zal moeten worden beteekend
gn wel aan hen zelf ter hunner respectieve werkelüke
woonplaatsen, dan wel ter Griffie van den Raad van Justitie
te Batavia, alwaar de meest biedenden zullen worden ge- Y A
acht domicilie te hebben gekozen.
Ingeval dat bij de veiling reeds de voorgestelde borg- l
tocht voor een of meer der perceelen niet aanneembaar
wordt verklaard, wordt het bod beschouwd als niet te
zijn geschied en onmiddelük tot opveiling op nieuw over- 1*
gegaan, zonder dat het bod van den bereids afgewezene E
weder 1nag geschieden.
l
ARTIKEL TWEE.
De uitbesteding geschiedt bn opbod voor elk perceel l
voor de jaarlgksche pachtsom.