HomeStemmen over staatkundige en maatschappelijke vraagstukkenPagina 75

JPEG (Deze pagina), 858.17 KB

TIFF (Deze pagina), 7.42 MB

PDF (Volledig document), 76.71 MB

l
ouzs ensrvnxmmn. 69
stigen wenk gemaakt, ging sinds lang voorbij; maar daarom l
heeft hij nog niets van züne groote beteekenis verloren. Hij `
behelst bovenal een klaar dementi van hen, die verstokte
]’r·uss0p/z.obis!en, die nog aloos in Duitschland een roofzuehtig
ondier zien, met fonkelende oogen en gesparden muil,gereed
ons met een sprong op ’t onverwaehtst te overvallen; of wel
een Moloeh of Titan, die ons ieder oogenblik met zijn reus- 5
achtig lichaam kan komen bedekken. De verdenking van der-
gelijke booze plannen te smeden, is toch moeielijk vol te
houden, zonder tevens de Pruisische Regeering te beschuldigen
Y van zeer groote onhandigheid en haar te beschouwen als type
Ell; van de belaehelijkste naiviteit, daar zij herhaaldelijk en
dringend waarschuwingen geeft, waarvan de inachtneming
i zoude leiden tot eenen toestand ganseh tegenovergesteld van
dien, welke van haar roofgierig standpunt moest gewenseht r
en verlangd worden. "
Wat echter de verklaring van het Duitsehe blad van groote
J en blijvende beteekenis doet zijn en wel waardig, van tijd tot
l tijd, te worden herinnerd, is de daar zoo duidelijk uitgespro-
ken twijfel, niet aan onzen goeden wil, maar aan onze vol- lr
Q doende macht om de onzijdigheid te handhaven; en zijn l
J krachtige aandrang, dat wij ons hiertoe zullen in staat stellen.
Wü vragen nu niet, of wellicht de ervaring bg vroegere ge-
g legenheden opgedaan, tot die vermaning van de zijde des
4;;{·‘ machtigen nabnurs heeft aanleiding gegeven? Hierover werd ,
Q reeds te veel getvvist. W ij vragen ook niet, of het ongunstig · _,
{ oordeel over onze defensie uitgesproken, onjuist, ot minstens
I overdreven was , en zoo neen, of in dit geval die opmerking E
van bevrienden kant vruchten heeft gedragen, of wij hebben .,
; getoond niets vergeten, en veel geleerd te hebben ? ppt
{ Het antwoord op die vraag mocht te beschamend uitvallen. ­- _,
Wij vragen zelfs niet, oi de teekenen der tijden gunstig zijn
r ' en wij ons mogen verheugen in het vooruitzicht eerlang door r
j de verbetering onzer strüdkrachten de handhaving onzer onzij­ 3
{ digheid verzekerd te zien?. .. Moge de verwachting van velen,
ä die den tegenvvoordigen minister van oorlog als /herigz/t man
j on the rigth place beschouwen, niet worden teleurgesteld!
ä A

I .
l al