HomeStemmen over staatkundige en maatschappelijke vraagstukkenPagina 20

JPEG (Deze pagina), 917.08 KB

TIFF (Deze pagina), 7.72 MB

PDF (Volledig document), 76.71 MB

7

l 14 PICESSIëN.
ill? f
A der Grondwet toelaat, de openb. godsdienst uitoefent". Dat i
" elders zou kunnen beteekenen, die op eene andere plaats dan j ï
‘s.t‘ waar voor 1848 de processie geoorloofd was, haar houdt. En j
{lj? toch was het de bedoeling van den Grondwetgever den be-
staanden toestand te bestendigen, niet alleen met betrekking
tot de plaatsen maar ook tot het toenmalig gebrui/t, zooals dat l
was bepaald bij administrative regelingen. Indien men in stede l
van het woord e/ders had gebezigd het woord anders, zoude l
dan de redactie niet beter zün geweest? ‘)
Toch heeft men hetzelfde bedoeld; dit blijkt o. a. uit eene f
_' missive van den toenmalige Minister voor de zaken der Roomsch
Katholieke Eeredienst, Lienrnnvnm, van 9 Sept. 1853; nde
openbare godsdienstoefening buiten de gebouwen en besloten l
plaatsen is volgens het 2G lid van art. 167 der Grondvvetn. ‘ l
geoorloofd... Edoch die vrijheid behoort binnen de palen van
;. het gewoon gebrui?/c te blijven; althans het zou niet oorbaar
zijn, indien de kerkelijke optochten en godsdienstige plechtig-
heden buiten de gebouwen en beslotene plaatsen vermenigvul­ _
digd wierden, en alzoo n/wg/ting plaats vond van het gewoon ïI"'·
p gebrui/t, hetwelk het Kon. Besluit van 23 April 1822 alleen
il heeft willen eerbiedigen" 2).
t· Ook uit deze ministerieele circulaire, die van eenen dag voor
, de uitgifte van wet op de kerkgenootschappen dagteekent,
er blijkt dus dat de bedoeling van art. 9 dezelfde is als die
· van het 2G lid van art. 167 der Grondw. nl. handhaving van Ag
den toestand, zooals die was in 1848, en ten opzichte van de j
plaatsen, waar de processiën plaats vonden ­ en ten opzichte
’ van het gelnni/c dat er toen van gemaakt was. Alzoo geene
ij uitbreiding, geene vermenigvuldiging, maar een blijven nbin-
·» nen de palentvan het gewoon gebruik".
«f Ook in de vertegenwoordiging heeft men die bedoeling in
_______ 1
I 2) Jlerkwaardig is het dat de commissie voor de herziening van het straf-
·, wetboek dezelfde misslag heeft begaan in art. 536 van haar ontwerp.
{ 1) R86’dZlSgE(/’t7Z_? Xägétt QIEIZ _l7[tJ‘#007‘-tlêdïäll RUTTEN, Ill/yéyëüêit {ZOO? EUG. VAN j
vg · <)rP.EN, blz. 46 in notis. `
er ,
'
i r
il t l

.. org`, j ‘j