HomeEen ernstig woord in een ernstig oogenblik aan de vertegenwoordiging en het Nederlandsche volkPagina 17

JPEG (Deze pagina), 616.77 KB

TIFF (Deze pagina), 5.95 MB

PDF (Volledig document), 14.87 MB

..,,,,_,.u,,,,,,,_,._.,&,,,,..-.,a.,,,,.._. . Mx; 9 ­-rv eva--;-­-:­-·­-?s=·· -~-<­~¤ ­ Y~ ~ ~:··~··­# ` Y - ‘ · i I
I ;S
ben wij gezien? Dat de Minister van Koloniën , dien ik
hond voor een liberaal man, bij het schrijven van zijne
Memorie van Beantwoording geheel gekomen is in de
liberale rigting. Immers wat zegt de Minister van Ko-
loniën in zijne Memorie bijv. omtrent het enltuurstelsel?
il Wat dat reglement, naar de opvatting der Regering,
-”‘ in art. 56 voorschrijft, komt kortelijk hierop neder, dat
het stelsel van eultures door doelmatige verbeteringen op-
leide tot vrijwilligen arbeid, opdat de Staat die voordee-
len, die hij nu uit don verpligten arbeid geniet, eenmaal
uit den vrijen arbeid der bevolking trekko. ~ Is dat niet
geheel in de liberale rigting? Maar waar vrije arbeid zal
optreden, daar houdt dwang op; en waar dwang ophoudt,
is het enltuurstelsel het eultuurstelsel niet meer. zz
Twee dagen later, in de zitting van IS Mei, zeide diezelfde
Volksvertegenwoordiger (bladz. 70-L):
rr Maar, Mijne Heeren, wanneer die toestand zal inge-
treden zijn (de toestand waarvan de Minister LoUDoN
spreekt in § 1 zijner meermalen aangehaalde Memorie
van Beantwoording) dan zijn de Gavwemememfe-cz¢Záw·es
kei czelmurszelsel niet meer. Vxfant dan is de dwang
1 weggenomen, die een van de grondslagen is van dat
stelsel. v
Men sla de dagbladen op. Men leze de Zmiièr, het Ha¢2cZeZs·
blad, de Nieuwe Jioüerrlcwzsche (J0m·mz.rf,de A7'7Z&Ei7/8Cáë O0m·mzzf;
men zal overal de stelling zien ontwikkeld, dat eultuurstelsel en
vrijen arbeid niet te zamen kunnen gaan en dat de invoering van
den laatste alleen de strekking heeft en kan hebben om het
eerste op te lossen.
Het Bameiaascá Ilamieltólacl van la Julij jl. toont in een
artikel, dat wij als Bijlage I achter dit gesehriii. voegen, duide-
lijk aan, dat de wensehen van den heer Lounoii ozzáereilcáaar
zijn; de inzigten van den Minister worden onvolkomen genoemd