HomeEen ernstig woord in een ernstig oogenblik aan de vertegenwoordiging en het Nederlandsche volkPagina 14

JPEG (Deze pagina), 626.18 KB

TIFF (Deze pagina), 5.95 MB

PDF (Volledig document), 14.87 MB

iz
dat hij het eultuurstelsel wil ryórc/rm. Wij waarschuwendus vóór
dat het te laat is, vóór dat administratieve maatregelen zijn ge-
nomen van dien aard, dat de vaste bodem, waarop thans onze
nationale welvaart rust, onder onze voeten, misschien omnerk­
baar, zal zijn weggezonken.
Hoe wil de heer Lounon dan het cultuurstelsel handhaven?
Wij hebben het gezien uit § 1 van de boven opgenoemde Me- "
morie van Beantwoording:
«/W`at dat lteglement, naar de opvatting der Regering,
in art. 56 voorschrijft, komt kortelijk hierop neder, dat
het stelsel van cultures door doelmatige verbeteringen op-
leide tot eryzvilligevz arbeid, opdat de Staat de voor-
deelen, die hij nu uit den verpligten arbeid geniet, eenmaal
uit den vrijen arbeid der bevolking trekke. v 4
De heer LOUDON wil dus: eultnurstelsel gedreven door vrijwil-
ligen arbeid, met behoud voor den Staat van dezelfde voordeelen,
die deze nu trekt uit het eultuurstelsel met verpligten arbeid, Maar
hetgeen de Minister zich hier voorstelt - hoe goed en hoe
eerlijk zijne bedoelingen ook mogen zijn ­­ is ten eenemale
omloenlgff/c. Hij zelf heeft dat erkend; want in de zitting van 13
Mei jl. (pag. 697) zegt hij, dat wanneer de bevolking tot vrijen
arbeid zal zijn voorbereid, dan het oogenblik zal zijn gekomen, t
«« dat het eultuurstelsel moet worden opgeheven. «» Lang zal dat V
oogenblik ook niet op zich laten wachten; want de Minister
verklaarde in diezelfde rede: H dat men na 10 jaren al zeer ver
U op weg zou zijn, om de op hoog gezag ingestelde cultures te
I, [Zoen veremzgen door de particuliere teelt. H ls het wonder, dat
de heer VAN Hoëvmit en met hem de koloniale oppositie, den
heer LoUnoN steunt, die het beginsel van iazeómzdàoadävzg van
het eultuurstelsel voorop zet, en de sioapivzg daarvan na een tijds-
verloop van 10 jaren te gemoet doet zien?
Nog eene andere vn naar het ons voorkomt hoogst gewigtige
«·pn1«·rkiug,