HomeEen ernstig woord in een ernstig oogenblik aan de vertegenwoordiging en het Nederlandsche volkPagina 10

JPEG (Deze pagina), 617.82 KB

TIFF (Deze pagina), 6.00 MB

PDF (Volledig document), 14.87 MB

·` ­­ _ ` ` _ ­ _ ~ _, _ ,,_ ­-­lrr». ~è&-­.·- ,~e-­‘«.`..-;«•.,;~-·.~.¢­`4•,­­­·­,,»Z­«­·,ï-­-`- - ·»~«, ·,­»«1« ~ »­»­-·-««·­¢«+`
fe
danige wet noodig, vooral in het belang van Indië zelf;
want groote onheilen zouden te wachten staan, indien
sommige denkbeelden, die daar op den voorgrond begin-
nen te treden, verder wortel schoten. Daartegen te waken
is een allereerste pligt der Regering.
I/Indië moet blijven wat het nu is: eene Nederlandsche
bezitting. Hiermede willen wij niet hebben verstaan, dat
Indië uitsluitend ten voordeele van het Moederland be- i
hoort te worden geëxploiteerd. Ook Indië heeft zijne be-
hoeften, en daaraan moet worden voldaan. Het is goed
en billijk dat een gedeelte van den rijkdom, dáár voort-
gebragt, aan Indië worde overgelaten. Het is goed en
billijk, dat meer en meer gelet worde op hetgeen daar de
welvaart en zedelijke verbetering kan doen toenemen, al
moesten ook daardoor de uitkeeringen, aan het Moeder-
land te doen, verminderen. Het is goed en billijk dat
men er zich op toelegge, de voornaamste grieven tegen
het eultuurstelsel weg te nemen, en dat aan de sluime-
rende krachten, die zich naar vrijen arbeid en vrije in-
dustrie uitstrekken, een uitweg worde gegeven. Maar dat
alles kan geschieden zonder het stelsel zelf aan te tasten ,
en zonder toe te laten dat het zijdelings worde onder- {
mijnd. Dat alles kan geschieden zonder dat de Gouver-
nements­eultures behoeven te wijken voor bijzondere on-
dernemingen, of dat de Staat zonder compensatie afstand
zou behoeven te doen van de voordeelen, die hij nu uit
het cultunrstclsel geniet, om die aan particulieren weg te
schenken. WV ij vertrouwen dat de Kamer, en althans zeker
de Natie, den weg, die tot zulke uitersten leiden zou.,
niet wenscht in te slaan_ N
Indien wij nu deze beginselen toetsen aan de stukken, die van
den Minister LOUDON zijn uitgegaan, dan vinden wij in zijne
Meinorie van B<,·antwoor<ling op het Voorloopig Verslag der