HomeArtikel 56 van het regerings-reglement, beschouwd en toegelichtPagina 22

JPEG (Deze pagina), 636.14 KB

TIFF (Deze pagina), 6.33 MB

PDF (Volledig document), 20.76 MB

" l
20
aijne opvatting eerder geschikt om de zaak nog ingewikkelder
te maken.
Zie hier hoe die staatsman dat artikel toelicht:
«Wij hebben allen veel eerbied voor de wet, en die wet
bevat het art. 56 van het Regeringsweglement, waarin uit-
drukkelijke melding wordt gemaakt van het cultuurstelsel en
aan den Gouverneur­Generaal de verpligting wordt opgelegd
om de cultures, op hoog gezag ingesteld, in stand te houden.
« Men is begonnen met de kracht van die wetgevende be-
paling zoo veel mogclhk te outzenuwen, door te zeggen, dat
in het`artikel zou liggen opgesloten een overgang tot den
vryen arbeid. Ik heb nog onlangs in deze vergadering de
meening hooren uiten, dat art. 56 een overgang tot den
vrüen arbeid zou inhouden. Dit ontken ik. Het beginsel van
dat artikel is uitgedrukt in de eerste alinea. Ik zal de woor-
den der wet aanhalen, omdat ik, den eerbied van deze ver-
gadering voor deze wet kennende, begrijp, dat wij die wet
goed moeten kennen. Het hoofdbeginsel dan van art. 56 is
gelegen in de eerste hoofdbepaling. « De Gouverneur­Generaal
houdt de op hoog gezag ingevoerde cultures zoo veel doenlijk i
in stand. » i
« Maar daarbij zijn hem pligten opgelegd; hij moet maatre- Z
gelen nemen, «inits,» staat er in de wet, « die zijn in
overeenstemming met de bevelen des Konings, » om het stel- "’ï
sel zuiver te houden van misbruiken. Geen enkele echter van
die pligten strekt om een overgang tot den vrijen arbeid te
bewerkstelligen.
«De wetgever is zoo schroomvallig geweest, dat hij zelfs in
de vüfde alinea of hoofdbepaling van art. 56, over de bezwa­
reu sprekende, gezegd heeft: « dat die bezwaren zouden wor-
den opgeheven, die na een opzettely/t onderzoek zouden blij-
ken tc bestaan. »