HomeBedenkingen tegen de mededeeling van den Minister van Koloniën aan de Tweede Kamer der Staten Generaal, omtrent den verkoop van Pagina 57

JPEG (Deze pagina), 758.83 KB

TIFF (Deze pagina), 6.85 MB

PDF (Volledig document), 50.79 MB

jr ·
VII.
De bevordering van Christelijke beschaving under
de Javaneu door partikulier laudbezit.
. 1--=%.Z^r¢·­­-­
I Het voorbereiden van den Javaan voor den zegen van het Chris-
tendom, moge wenschelijk zijn , ik houde het voor even wenschelijk ,-
dat eene trapswijze ontwikkeling en beschaving voorafga, ten einde
voor te komen , dat men op onontgonnen grond zaaije en dien ten
I gevolge distels in stede van vruchten inoogste.
De heer SLOET heeft in zijne nota een volzin geplaatst, die
in 'mijn oog voor het wenschelijke van het verkoopen van
landerijen op Java meer afdoet, dan al zijne overige argu-
menten, ja dan alles wat ik zelf tot dus verre heb aange-
haald, om dat stelsel aan te prijzen. Hij zegt: ,,dat in
" het landhezit van Nederlanders op Java een krachtig middel
gelegen is, om in den loop des tijds, zonder eenige maat- _
schappelijke schokken of beroeringen , van lieverlede de
Javanen voor den zegen van het Christendom voor te be-
reiden." Hetgeen de minister daarop antwoordt, is eigenlijk
geene ontkenning of wederlegging, maar hetzelfde wat de
heer SLOET zegt, in andere bewoordingen ingekleed: ,,het
voorbereiden van den J avaan voor den zegen van het Chris-
tendom moge wensehelijk zijn, ik houde het voor even wen-
schelijk, dat eene trapswijze ontwikkeling en beschaving
vooraf ga." Welnu, wat de een heet ,,v00¢·bereiding voor
W den zegen des Christendoms ," noemt de ander: ,,v00mf··
' gaande trapswijze ontwikkeling en beschaving? Die traps-
wijze ontwikkeling en beschaving, welke de minister ver- '
meent dat vooraf moet gaan , meent de heer snonr te be-
vorderen door het brengen van landerijen in handen van
partikulieren. Ik geloof, dat hij gelijk heeft.
De ,,trapswijze ontwikkeling en beschaving der Java-
nen ," die volgens den minister vooraf moet gaan, heeft
tot dus verre zonder eenige medewerking van de zijde der i
regering, of liever , in weerwil van haren tegenstand, plaats
gehad. Nooit heeft zij iets gedaan, om haar te bevorderen ,
en wanneer anderen, zoo als b. v. het Nederlandsche Zen- L
4i
l
in