HomeBedenkingen tegen de mededeeling van den Minister van Koloniën aan de Tweede Kamer der Staten Generaal, omtrent den verkoop van Pagina 24

JPEG (Deze pagina), 743.95 KB

TIFF (Deze pagina), 6.81 MB

PDF (Volledig document), 50.79 MB

/!
III.
Het llegt.
...... en zulks te minder , om reden , naar mijn inzien , de Regering l
tot eenen verkoop van gronden op Java aan Europeanen niet ge-
regtigd is, en omdat zulks noodwendig eene sloping van het thans /
bestaande stelsel van cultuur zon na zich slepen.
De gronden, die ik daarvoor heb, zal ik nog in het kort aanvoe­ I
ren , terwijl ik mij ook eenige aanmerkingen op het voorstel van den
Heer snoer zal veroorloven.
De velden op Java zijn of reeds bepaald eigendom van den inlan­
der, zoo als in de Sundah­districten en in een gedeelte van de resi~ l
dentie Bezoekie, of gemeente­gronden, en dezelve kunnen dus, wat
men ook over het eigend0ms­regt van den bodem in onze Oost-
Indische bezittingen moge zeggen of schrijven , zonder de regten van
die eigenaren of gemeenten te krenken , niet worden verkocht.
Het regt van den Souverein of van het Gouvernement, kan zich
dan ook niet verder uitstrekken, dan tot het heffen van eene belas-
ting (grondlast), of hoogstens om een gedeelte van den grond, tot
voldoening van die belasting, met zekere producten, ten zijnen
voordeele , te doen beplanteu , en dit laatste eigenlijk nog alleen dan ,
wanneer ten deze met de dessais of dorpen vrijwillig kan worden /
overeengekomen. .
Dan gesteld eens , men nam voo1· bewezen aan , dat de Souverein , l
thans het Nederlandsche gouvernement, als eigenaar van al de l
gronden op Java moest worden beschouwd, zou dat gouvernement,
in navolging van Oostersehe despoten, dat beginsel moeten hand- 5
haven? Zou dat gouvernement, wanneer het, bij de inbezitneming
of verovering van Java, had bevonden, dat de geheele bevolking
slaaf was van den Souverein, die bevolking steeds in den slaven­·
band hebben gelaten? Voorzeker neen! { l
Men beweert, dat door den verkoop van gronden aan Europe- ”’;’
anen geene inbreuk wordt gemaakt op hetgeen de Javaan thans ‘
uit zijne velden trekken mag; dat het hem vrij en onverlet blijft, v
naar elders te verhuizen, doch dat alleen op den kooper het halve
regt van den Souverein overgaat, om in den regel 2/5 van de pro-
. ducten te nemen en eenige bepaalde diensten of dagen arbeid te
, vorderen.
Hierop valt aan te merken , in de eerste plaats, dat het voorzeker
voor den Javaan, die soms bijzonder aan züne dessa (verblijfplaats) i
en rijstvelden gehecht is, als eene groote gunst moet worden be-
schouwd, dat hem minstens de vrijheid worde gelaten, om naar el-
ders te verhuizen , wanneer hij onder eenen landhcer komt te staan ,
die hem niet bevalt, en in de tweede plaats, dat wanneer de opgave
is gedaan door iemand, die den inkoop van land beoogt, het niet
geheel onbelangzuchtig is, dat hij zich bij voorraad 2/5 van de pro-
»
1
I
`