HomeBedenkingen tegen de mededeeling van den Minister van Koloniën aan de Tweede Kamer der Staten Generaal, omtrent den verkoop van Pagina 12

JPEG (Deze pagina), 738.92 KB

TIFF (Deze pagina), 6.88 MB

PDF (Volledig document), 50.79 MB

1
I 6
daartoe natuurlijk , bij de weinige publiciteit die tot dusverre
aan de Indische aangelegenheden gegeven is, veel beter
bescheiden dan ik. Slechts over 1846 kan ik eenige mede-.
deeling doen van een paar residentiën , waaruit al dadelijk
het groote verschil van allen te zamen blijken zal.
In Banjoemas heeft in 1846 de landrente op-
gebragt... ..... .......... ..... ....... .... 715,923
In Bagelen .... . . . . .... . .......... . .... . . ­ 1,243,453
Te zamen .... . . . . f 1,959,376 #`~=
1Vanneer nu deze som (en wij weten dat zij in 1847 nog
veel hooger geweest is) van het door den minister van
koloniën opgegeven cijfer van landrenten ad f 10,200,000
getrokken wordt, dan wordt het al dadelijk met twee milli-
oen verminderd, en verschilt dan met 1824 nog slechts drie
millioen.
In 1846 hebben in Banjoemas de verpachte middelen,
buiten de opium, maar het debiet van het zout daaronder
begrepen , bedragen. . . . .... . . .... . . . . ...... . . f 259,000
In Bagelen . ...... . ..... . . . . . .. .... . . .... . . ­ 360,000
In Madioen.. .... ...... . ..... ­ 289,000
'I`e zamen ...... . . f 908,000
Dit geeft voor deze drie residentiën reeds eene aanmerke­ 1
lijke som, welke voor de drie anderen (Kediri, Djokjo­
karta en Soerakarta) waarschijnlijk niet minder groot is, `
zoodat men van het door den minister opgegeven cijfer
van 12,300,000 veilig twee millioen mag aftrekken, waar- 1
door het verschil met 1824 mede slechts drie millioen zal 1
bedragen.
Bij de vergelijking van den uitvoer der hoofdprodukten
heeft een dergelijk misverstand plaats. De produkten der
residentiën Madioen en Kediri, Banjoemas en Bagelen moe-
ten, om dezelfde reden als zoo even is opgegeven, geheel
van den staat van 1847 geschrapt worden, want, ofschoon
wij gaarne erkennen, dat het kultuurstelsel van den graaf
van nen noscu, ook in die residentiën ingevoerd nadat ze
in 1831 in ons bezit gekomen waren, de voorname oorzaak
dier produktie geweest is, mag hare opbrengst echter niet