HomeBedenkingen tegen de mededeeling van den Minister van Koloniën aan de Tweede Kamer der Staten Generaal, omtrent den verkoop van Pagina 10

JPEG (Deze pagina), 839.61 KB

TIFF (Deze pagina), 6.85 MB

PDF (Volledig document), 50.79 MB

ä
4 v
In het afgeloopen jaar heeft men wel is waar, door eenen zamen- _
loop van omstandigheden, gemeld cijfer op verre na niet mogen be-
reiken, dan er bestaat vooruitzigt, dat in dit jaar reeds weder een
meer gunstig resultaat zal worden verkregen.
Wanneer men nu daarbij in aanmerking neemt, dat gedurende de
I8 jaren, dat die veelomvattende arbeid op Java is daargesteld en ,
gewerkt heeft, de rust onder de bevolking, in verschil met vroeger, A
niet noemwaardig is verstoord geworden , dan vraag ik: wie denkt
niet met erkentelijkheid aan den stichter van het cnltuurstelsel, en
wat zal de nakomelingschap zeggen van hem , die direct of indirect,
op eene onvoorzigtige wijze , de hand leent, om dat gestichte weder
te sloopen ?
Ik althans, Mijne Heeren, zal daartoe nimmer medewerken , want l
mijne overtuiging, dat het bestaande goed is en slechts verbetering g
behoeft, staat vast. Wordt deze overtuiging niet door anderen ge- ‘
deeld , vermeent men , dat de verdere ontwikkeling van Java , onder
anderen door verkoop van gronden moet worden verkregen, dan
ben ik geheel bereid om de taak aan meer bekwame handen over te
laten , want ééne verdienste ken ik mij toe, het is deze, dat ik nim-
mer iets zal doen, hetwelk in strijd is met mijne overtuiging, en
waardoor de belangen en van het moederland en van Indië zouden
kunnen benadeeld worden.
Het thans op Java bestaande stelsel van cultuur, -­ dat is het
doen planten door de bevolking van voortbrengselen voor de markt
in Europa, onder de leiding van gonvernements­ambtenaren, ten
einde die voortbrengselen of wel de ruwe grondstof derzelve, tegen
in billijkheid bepaalde of nog te bepalen prijzen , te doen aüeveren
of in ’s lands pakhuizen , zoo als thans met de hoofdproducten kojij
en indigo het geval is, of wel aan fabrikanten die de ruwe grondstof
verwerken en daarna het product tegen overeengekomen of overeen
te komen prijzen aan het gouvernement afgeven, dan wel op eene
andere wijze ten deele over dezelve beschikken , - moet, naar mijn
inzien, voor ’s hands worden gehandhaafd, verbeterd en uitgebreid. E

Iiet eerste argument , dat de minister tegen het stelsel i
van verkoop van landen te berde brengt, noemen wij in- ;
direkt. Het is eene aanprijzing van het thans bestaande. ‘
Daartoe geeft hij eene vergelijking tusschen de begrooting
VHIJ. 0I'1lïV3.`l'1gSlZGI1 GH l1l.lZg3.V€H , (IBD 'l1llIVO€1° GI). lIlVO61` , (IB
territoriale inkomsten, en het getal op Java aangekomen
Nederlandsche schepen van 1824 en van 1847 ; en uit den 1
aanzienlijken vooruitgang, in die vergelijking blijkbaar,
leidt hij het bewijs af voor de deugdelijkheid van het stel-
sel, waarnaar Java thans bestuurd wordt.
Ik neem de vrijheid hierop in de eerste plaats aan te
merken, dat die vergelijking bij lange na niet juist is. I1n­
mers, het is eene geheel verkeerde en eenzijdige voorstel-
x ’··(