HomeOntwerp van een Reglement op de drukwerken in Ned. Indië, met de daarbij behoorende Nota tot toelichting [door Henricus Nijgh]Pagina 41

JPEG (Deze pagina), 696.83 KB

TIFF (Deze pagina), 6.87 MB

PDF (Volledig document), 30.65 MB

77 Y "'"' ' ` Y Y`
39 v

vaar, dat den aard van het beroep voor de openbare
orde kan opleveren, met de meerdere of mindere E
vvinstgevendheid of uitgebreidheid · van het beroep,
dan dat vaste regels hier gemakkelijk zouden zijn
te stellen. Men heeft dus gemeend voor ieder voor- `
komend geval, het aan het oordeel van het plaatselijk
r gezag te moeten overlaten, die tusschen het ge-
stelde minimum en maximum genoegzame ruimte zal
hebben, om het beginsel op eene billijke en niet
bezvvarende Wijze te doen werken. Nevens de be-
voegdheid van het plaatselijk bestuur, tot bepaling
van het bedrag der zekerheid voor de eerste maal,
moet ook de magt verleend worden tot verhooging
en vermindering van het bedrag. Daartoe strekt de
eerste zinsnede van art. 5. Het seheen vrensehelijk
het oordeel daarom aan den Gouverneur-Generaal
op te dragen. Ook voor den belanghebbenden zal
in die opdragt meer waarborg gelegen zijn.
Omtrent de Wijze waarop de Grouverneur-Generaal
van de hem toegekende bevoegdheid behoort gebruik te
maken, Wordt slechts opgemerkt, dat de vermindering
der zekerheid geene plaats zal kunnen hebben,
Wanneer de uitoefening van het in art. l bedoeld
beroep reeds tot veroordeeling heeft aanleiding ge-
geven; terwijl al wat verder betrekking heeft tot
den borgtogt, zooals het daarvan aan den belang-
hebbende uit te reiken bewijs en de mededeeling
door het plaatselijk bestuur aan het Openbaar Minis-
terie van de gedane aangifte en den gestelden borg-
togt, aan administratieve voorschriften kan overge-
laten Worden.
ART. 3. Er bestaat geene reden o1n hen die
reed.s een ill art. l bedoeld beroep uitoefenen, te ont-