HomeEene enkele, door een zee-officier gemaakte opmerking, betrekkelijk de wijze waarop de feiten spreken in de beschrijving van denPagina 20

JPEG (Deze pagina), 563.88 KB

TIFF (Deze pagina), 6.51 MB

PDF (Volledig document), 22.18 MB

l
18
sterkingen of houten borstweringen hebben geschoten (1).
lk wil niet eindigen, zonder den wensch te uiten,
dat de Heer VAN mms, de hier geleverde bijdrage, tot E
de kennis der geschiedenis van den oorlog op Borneo,
in het juiste licht moge beschouwen. Dat zij hem een
bewijs zij van de belangstelling, waarmede ik zijn werk
in handen nam, en van de oplettendheid, waarmede ik E
het heb doorgelezen. l
Ik vertrouw dan ook, dat de Heer VAN KEES ons
binnen kort openlijk zal mededeelen, in welk officieel
stuk men vinden kan, dat een houten vlot uren lomg
het vuur der 30­p0uder.s· van de Celehes heeft ge-
trotseerd.
Wanneer men , mz die mededeeliug van den Heer VAN
KEES, ook voor mij den weg wil openen tot het raad-
plegen der oflicieele bescheiden, alsdan hoop ik , in het
belang der geschiedenis, nog eens openlijk terug te
kunnen komen op het meergenoemde werk van Z. Ed.
· Indien ik echter die mededeeling niet ontvang, dan
neem ik hiermede voor goed afscheid van den talent- l
vollen Schrijver van den Bandjermasinschen krijg.
Apeldoorn, 29 Junij 1865. i
De Kapt, Luit. ter zee
J. A. VANDEVELDE.
(1) Zie onder velen nog bladz. 83 van het 18 deel van den Band~
jcrmasinschcxi krijg. j
l