HomeEene enkele, door een zee-officier gemaakte opmerking, betrekkelijk de wijze waarop de feiten spreken in de beschrijving van denPagina 18

JPEG (Deze pagina), 686.24 KB

TIFF (Deze pagina), 6.57 MB

PDF (Volledig document), 22.18 MB

; i
_
re
l
gegeven, dat men de barkas op sleper over zee zoude
medenemen
I De Heer VAN mans, die in 1860 in Europa Was,
vergeve dus mijne aanmatiging, indien ik zeg, dat ik
de toedragt dier zaak beter weet dan ZEd. i
Reeds jaren voor het inslaan van den eersten paal,
om de vijandelijke benting aan de soengie Karawa te
bouwen, wist de bevolking met welke praauwen die
j‘ kreek bevaarbaar was. Maar wat zij eerst na het bon-
· wen en bezetten der benting te weten kwamen, was,
dat men het zoude wagen, om de barkas over zee van
. de Bm·it0­rivier naar de Ka/zajan­rivier te zenden. Y
Zoodra de vijand door zijne spionnen onderrigt werd,
4 dat die sloep in aantogt was, verliet hij ook terstond
de nieuw gebouwde en volgens den Heer VAN KEES, met
267 man bezette, benting. (2) Dezelfde vijanden, die
na 11 Junij 1860 nergens meer stand hielden waar eene j
oorlogsloep konde komen , hadden toch in het begin van py
l den opstand niet alleen aan het ligte geschut van onze
sloepen wederstand geboden, maar zelfs de komst der
j stoomschepen in hunne, aan de oevers der rivieren
l gelegene bentings, afgewacht.
Vraagt de Heer VAN KEES mij of ik zulks niet natuur-
j lijk vind, dewijl eene goed gewapende sloep tegenover
een inlandsehen vijand, toch eene vrij sterke en zeer ge-
j concentreerde niagt daarstelt, dan zeg ik volmondig ja!
l en ik haast mij zelfs er bij te voegen, dat ik, uit de
l (1) De Kinslaergen kon de barkas niet inzetten, en moest die dus
op sleper over zee medenemen. Alleen in dringende noodzakelijkheid
handelt men zoodanig, maa1· dan verliest men ook dikwerf met eene *
l bui of veel zee het gesleept wordende vaartuig. Nog bij de eerste
Bonisebe expeditie is zulks met een aantal debarkeervnartuigen het
l gCVi.ll {§GVCCSiZ•
1 (2) Zie bladzijde 340 en 341 van het eerste deel van het werk van
den lleer VAN mms.
l ti
i l
j r
r l
I
l