HomeEene enkele, door een zee-officier gemaakte opmerking, betrekkelijk de wijze waarop de feiten spreken in de beschrijving van denPagina 16

JPEG (Deze pagina), 677.32 KB

TIFF (Deze pagina), 6.52 MB

PDF (Volledig document), 22.18 MB

x
l
14 Z
dienst beschikbaar. In het belang van ’s Konings dienst,
mogt het leven en de gezondheid dier ofiicieren, niet
j nutteloos, en alleen om voor zich zelven roem te be-
halen, gewaagd worden.
En hiermede heb ik, naar mijn oordeel, mijn rapport
genoegzaam toegelicht. Het is daarbij geenszins müne
bedoeling geweest, om eene persoonlkjke verdediging te j
, schrüven. Mogt ik desniettemin meer over mijne eigene
5 handelingen hebben gesproken dan mij lief was, dan
· gelieve men zulks daaraan toe te schrijven, dat mij de
bekwaamheid als schri_jver ontbreekt, om, zonder dat, w
de feiten genoegzaam te doen uitkomen. ·‘
Dit laatste beoogde ik vooral, omdat ik met den vi
g lleer VAN KEES van gevoelen ben, dat een onpartijdig p;
geschiedschrrjver de feiten moet laten spreken. lk kan
dan ook, nu ik toch eens aan het schrijven ben, de
verzoeking niet weêrstaan, om den lleer VAN REES op
een enkel mij bekend feit te wijzen. Ik durf zulks te ge-
l ruster doen, omdat ik na Augustus 1860, de hoofd-·
r plaats Banaljermasin niet meer heb verlaten, dan om
j naar Java te gaan, en ik daardoor mij zelven geene
de minste verdiensten kan toerekenen bij de erkenning
j van een na Augustus plaats gehad hebbend feit, dat ik
j nog wil mededeelen.
W`i_j lezen in het werk van den Ileer VAN KEES, dat,
p na de proclamatie van den Gonvernements Commissaris,
van den ll" Junij 1860 , de oorlogsfakkel gedurende de
j maanden StratI`ar en Moeloed , bijna op alle punten van E,
r het Bandjersche rijk op nieuw ontstoken werd en
V de opstandelingen met buitengewone hardnekkigheid ?
j streden. (I)
j Wij zien op pagina 290 en de volgende bladzijden
van l1et werk van den Heer VAN KEES, hoe hardnekkig ,
(1) Zie pag. 278 van het eerste deel, g
A
; ïl
i