HomeEene enkele, door een zee-officier gemaakte opmerking, betrekkelijk de wijze waarop de feiten spreken in de beschrijving van denPagina 15

JPEG (Deze pagina), 675.63 KB

TIFF (Deze pagina), 6.48 MB

PDF (Volledig document), 22.18 MB

E
ë
äë
is
4
overtuigend zoo te zijn, uit den spoed, waarmede zij
die kolossale vlotten en die schansen op den wal had-
j den vervaardigd. De Heer VAN mans zegt trouwens
zelven, een paar bladzijden voor de beschrijving van
het vardic/we gevecht der Celebes met eene k0tta­mara,
dat reeds in April 1859 het getal der vijanden in de
j Kap0ea.s··rivier tot zeven honderd was aangegroeid.
Daarbij was hun aanvoerder in die streken, de meer
genoemde SOELIL, een zeer ondernemend en moedig man
die zich in alle gevechten vooraanstelde, en ook nu
even als in een volgend gevecht met de opvarenden
der Celebes gewond werd. Hetwelk later gebleken is
uit de mededeelingen der zelfde herigtgevers, die eenige
maanden daarna de tijding bragten, dat SOELIL door
het springen van ee11 zijner eigene kanonnen doodelijk
gewond werd. (1)
De Celebes was op dat oogenblik niet sterk genoeg
bemand om meer dan een officier met 25 man aan den
wal te kunnen zetten. De eerste oiiicier van dien bodem,
de Luit. ter zee SLUYTERMAN VAN L00, was met een
detachement sehepelingen te Pengcwmz. De Luit. ter
zee VAN Knnvm. was zwaar ziek, ten gevolge van
zware sloeps- en andere diensten bij drie achtereen-
volgende expeditiën. (2)
Er waren, wel is waar, vier inlandsehe scl1erpsehut­
l ters van het bataillon Infanterie aan boord gedetacheerd,
` doch in omstandigheden, waarin toch minstens altijd
een oilicier op het dek moest zijn , om niet te spreken
van de dagelijksche verkenningen met gewapende sloe-
pen, waren er toch, met den kommandant medegere~
E kend , slechts twee oflieieren en een adelborst voor de
(1) Zie pagina 111 van het eerste deel van het werk van den r
l Heer VAN mans.
(2) Hij bezweek een paar maanden later aan de gevolgen der door
" vermoeücnis verkregene ziekte.