HomeBeschouwingen over de belangen onzer nationale nijverheidPagina 34

JPEG (Deze pagina), 622.59 KB

TIFF (Deze pagina), 6.26 MB

PDF (Volledig document), 27.35 MB

32 i
hoe wij over {Zoe/maáige bescherming denken en wat
naar ons oordeel de slechte gevolgen daarvan zijn, stel- W
len wij vast, dat, wanneer de productie van het ijzer ;
in Duizfscálarzcl door buitengewoon hooge regten niet i
zoo zeer werd beschermd, men van die productie andere ‘
resultaten zou hebben mogen verwachten; het werk
dat thans b. v. 1000 tonnen ’s jaars levert, en op
iedere ton ijzer (om een cijfer te noemen) 3 ver- l
dient, zou zich beter ingerigt hebben, en welligt thans
10 maal zoo veel produceren en tegen een winst van
slechts (/'1 per ton ,/`10,000, alzoo f 7000 meer
verdienen. Bescherming door middel van buitensporig i
kooge inkomende regten, beschouwen wij als doodend i
voor iedere industrie en wordt alzoo in geen geval door l
ons verlangd, Wanneer men de zaken zoodanig be-
schouwt, en dat doen wij, behoort men dan onder de t
protectionnisten, of onder hen die een vrijgevig besef van W
onze industrie bezitten, gerangschikt te worden?
Wij hebben gevraagd, wanneer wij onze kleederen,
huisraad, rijtuigen en zoo vele andere voorwerpen van het 1
buitenland bekomen, waarvan moeten kleeder-, schoen- t
en rijtuigmakers en zoo vele anderen dan bestaan?
Het voorbeeld, zegt onze geachte tegenschrijver, is
niet gelukkig gekozen, want wij nemen in den regel
dergelijke producten niet van het buitenland. Maar,
mogen wij vragen, is het dan niet van schier alge-
meene bekendheid, dat vele van die voorwerpen uit het
buitenland worden getrokken? Huisraad, als meubelen,