HomeBeschouwingen over de belangen onzer nationale nijverheidPagina 26

JPEG (Deze pagina), 621.25 KB

TIFF (Deze pagina), 6.22 MB

PDF (Volledig document), 27.35 MB

2 l
gen; en is daar nu uit op te maken, dat wij ons
een plein gedacht hebben met boomen en kramen? Wij
verstaan door mmvtri de gelegenheid om zich van eenig i
artikel gereedelijk te kunnen voorzien: zoo xleööm wij
eene graanmarkt geüml, en bezitten voor Java-kofiij en .,
suiker, in zekeren zin, welligt nog eene markt. In
gelijken geest hebben wij van een katoenmarkt gespro-
ken. Wij weten dus zeer goed, wat men door markt
verstaat, en met die wetenschap vragen wij, wie kan
zich eene markt van werktuigen, huisraad, rijtuigen, *¤
piano’s en zoo vele andere dergelijke zaken voorstellen?
Al deze zaken zijn in het buitenland bij den invoer
belast, om eigen arbeid te beschermen, en wanneer wij
nu eens even goed tot even billijke prijzen die artikelen jj
vervaardigen, wat kan ons dat baten? wie zal ze dan nog
om komen kaopen? VVij hebben gezegd, dat wij niet
wijzer moesten willen zijn dan anderen, die eigen indus­ i.
trie beschermen en waaronder Eozgelmzcl eene zeer groote
rol heeft gespeeld. VVij kunnen dit niet toegeven, zegt
de geachte schrijver: zz De wijsste te willen zijn is altijd D
voor zeer wijs gehouden; en wij zouden gaarne Neder- .
Zamö den roem zien verdienen, het voorbeeld van wijs-
heid te geven. Wij moeten” - laat de schrijver er op 4
volgen - /1 deze phrase omgekeerd lezen. Laat Neder-
Zawd niet achterblijven, omdat andere volken onver-
.s·r‘«mZig genoeg zijn de gekunstelde en bedriegelijke
weldaden der bescherming nog te stellen boven de
natuurlijke zegeningen der v1·ijheidl"