HomeBeschouwingen over de belangen onzer nationale nijverheidPagina 20

JPEG (Deze pagina), 627.61 KB

TIFF (Deze pagina), 6.25 MB

PDF (Volledig document), 27.35 MB

j 18
langen van de machinenfabriek er ten ernstigste bij heb-
ben kunnen gecompromitteerd worden. Maar wanneer
Directeuren nu eens gaaf hunne adhaesie aan het ver-
langen van Commissarissen hadden gegeven, wanneer
het beginsel nu eens zonder eenige wijzigingen ware in ,
praktijk gebragt, hoeveel bestellingen, waaraan goed l
geld kon verdiend worden, hadden zij dan wel niet moeten
afwijzen? Ziet daar één voorbeeld. Nu helaas! hebben e
wij er een tweede bij te voegen, en wel een voorbeeld
van een beginsel, dat ten nadeele van landgenooten is ll
vastgehouden. Te Batavia is onlangs eene inschrijving *
voor de exploitatie van verschillende stoombootvaarten
geweest (1); de zaak loopt over millioenen guldens;
er zijn twee inschrijvers, een Nederlandsch en een En-
gelsch huis, opgekomen, en het Engelsehe huis heeft féL00 I,
lager dan het Nederlandsche ingeschreven. Het beginsel
bij iedere aanbesteding is, dat weten wij, om aan de
minste inschrijvers de aanneming te gunnen, doch zijn
wij wel geïnformeerd, dan had de Regering ziet clmráoe
niet neröonclen, en dat is ook zoo geheel vreemd niet ;
want er wordt zeker geene aanbesteding gedaan of de
nadere goedkeuring wordt voorbehouden. De inschrijving
(1) Wanneer in Engeland, Frankräk of Duilschland zoodanige
inschrijvingen geschieden, dan wordt daartoe alleen de landgenoot
toegelaten. Bij ons, onder het vrijgevig stelsel, gaat dit geheel
anders; daarbij wordt de geheele wereld uitgenoodigd; zoodat bij
landswerlren de vreemdeling wel bij ons, maar wij niet bij den
vreemdeling in concurrentie kunnen treden.