HomeDe koffij-veilingen der Nederlandsche Handel-Maatschappij, inzonderheid in betrekking tot MiddelburgPagina 7

JPEG (Deze pagina), 708.10 KB

TIFF (Deze pagina), 6.18 MB

PDF (Volledig document), 18.74 MB

l
5

*2
l
vaste periodieke veilingen, beurtelings te Amsterdam en Rot-
l terdam te houden, werd ingevoerd. Aan Middelburg wer-
J den de Suikerveilingen mzmomerz, zonder iets ter vergoeding te
geven. De Koftijveilingen hadden echter nog steeds plaats,
{ doch ondergingen na 18444 ook eene belangrijke beperking.
; Men vond toen goed om de Kofüj, die op het tijdstip der
t voorjaarsveilingen te Middelburg aanwezig was, te voegen bij
j de partijen die te Rotterdam of Amsterdam geveild werden;
eerst, naar het scheen, bij wijze van uitzondering, doch langza-
i merhand geregeld, zoodat voor Middelburg nu niets meer over-
l bleef dan ééne Koffijveiling in het najaar, van de kwantiteit
= die op dat tijdstip aanwezig was, welke bij lang uitblijven der
schepen, die een jaar te voren bevraeht waren, somtijds vrij
gering was. Vele en krachtig waren de vertoogen die dezer
4 zijds, zoowel bij de Handel-Maatschappij als bij den Minister
ii van Koloniën, tegen deze onbillijke behandeling van Middelburg
Y werden ingediend. Zij mogten slechts in zoover baten, dat
i men in de laatste jaren en wel in 1850 , 1852-­l857 de Kof-
, üj die in het voorjaar aanwezig was, tot de najaarsveiling liet
liggen. VVel is waar, de argumenten dezer zijds aangevoerd,
werden nooit wederlegd cn men moest het er dus voor houden,
i dat men de geldigheid daarvan aannam, maar de Handel-
j Maatschappij gaf meestal in weinige woorden tot antwoord, dat
deze zienswijze niet strookte met die der Regering, terwijl de
j Minister van Koloniën de klagten afwees met te zeggen, dat
t de regeling der veilingen in overleg met de Ned. Handel-
{ Maatschappij geschiedde, en dus van haar eene voordragt
i" diende uit te gaan om de veilingen te Middelburg op den
ouden voet te herstellen. Vlelke vijandige invloed daartus-
schen in het geheim werkte, is nooit met genoegzame zeker-
heid gebleken, doch dat een zoodanige inderdaad in het duis-
ter sehuilde, werd Middelburg spoedig genoeg gewaar. Al dui-
2 delijker en duidelijker werd het dat, en de opheffing der Sui-
kerveilingeu, en de trapsgewijze vermindering der Koflijveilin-
gen, niets anders waren dan maatregelen van overgang om te
l
L