HomeEen woord over de Indische suikercrisisPagina 33

JPEG (Deze pagina), 745.41 KB

TIFF (Deze pagina), 7.26 MB

PDF (Volledig document), 23.19 MB

jj
sr
zeer groot deel door de uitvoerpremiën van Duitsch-
land, Rusland, Oostenrijk en Frankrijk teweeg ge- EQ
bracht, en denkt men, dat die landen het rustig
zouden aanzien, indien wij op java hun voorbeeld
gingen volgen? Zij zouden hunne premiën verhoogen
en daardoor onzen maatregel verijdelen. Het eenige jj?
gevolg ware dan: een deficit op de Indische be-
j grooting. En wat de muntpolitiek betreft, ik acht
'i de stelling volkomen onhoudbaar, dat in Britschlndië
' de landbouwondernemers voordeel trekken van de
daling in het zilver. Om die stelling te bewijzen, be- »
_ roept men zich op loonstatistieken, waarvan degeen, ,,
die ze mededeelt (O`Conor) zelf verklaart, dat ze niet
recht te vertrouwen zijn (far from free from suspicion i
as to their accuracy), die daarenboven in vele ge-
vallen een sterke rijzing aantoonen, en die eindelijk,
omdat zij niet hooger opklimmen dan tot 1873,
slechts zeer weinig licht geven; want de depreciatie
van het zilver is in Britsch­lndië veel eerder be-
g gonnen dan op de wereldmarkt, ten gevolge der
hooge katoenprijzen ten tijde van den Amerikaan-
V schen burgeroorlog. Om de suikercultuur op java
te redden moeten wij niet afwijken van de begin-
selen, die ons tot richtsnoer dienen bij de zorg voor
de economische belangen van moederland en koloniën.
Wij mogen het niet, maar behoeven het ook ;
i niet; de suikercultuur zou er niet door gebaat wor- jl
den. Indien zij te redden is, hetgeen ik hoop en
' verwacht, zal het alleen geschieden door krachts- ,«
inspanning der belanghebbenden, gesteund door een
a
l
L1
K