HomeMijn advies aan den Minister van koloniën nader toegelichtPagina 7

JPEG (Deze pagina), 833.51 KB

TIFF (Deze pagina), 6.53 MB

PDF (Volledig document), 10.28 MB

l
NADERTOEGELICHT. 7
j ons prestige in onze` materieele macht: waar daarentegen de
4 bevolking de lichtzijde van ons bestuur heeft ontwaard, ligt het
A in ons moreel overwicht en staat het buiten den invloed van
l materieelen tegenspoed. Maar ook, en hierom wel voornamelijk,
l omdat zulk een mislukking veelal het reeds verkregene, de kust-
streek, in de waagschaal stelt, terwijl zij het uiterste vergt van
t onze kracht voor een allicht nietswaardigen prijs. Bij het ge-
l ringste toeval kan een dergelijk streven de meest treurige ge-
j volgen te weeg brengen.
Om de eerste grondslagen te leggen voor onze heerschappij
ij over eenige landstreek kunnen wij zonder onze toekomst in
gevaar te brengen gebruik maken van oorlogsgeweld. De eerste
vestiging aan de kust kan meestal slechts door een oorlog wor-
den verkregen en behoeft gedurende langen tijd een krachtige
krijgsmacht om te worden gehandhaafd. Die eerste vestiging
is in den regel een aanwinst en inderdaad eenige inspanning
waard. Zij beveiligt tegen vreemde inmenging en legt de kiem
voor een uitgebreide heerschappü. Die kiem komt vooral door
de werking des tijds tot ontwikkeling: iedere poging om die
I ontwikkeling te verhaasten eischt groote behoedzaamheid. Hier
= bevat het laésser faire den regel, van wiens toepassing gunstige
I gevolgen te wachten zijn.
_ De juistheid van dezen regel wordt - de tegenspraak, die
I ik hier ontmoet heb, brengt mij niet tot een ander inzicht -
door de historie genoegzaam gestaafd. Er is niemand, die niet
gehoord heeft, welke hardnekkige strijd tegen Bantam en tegen
Mataram de stichting van Batavia voorafging, of die niet weet,
hoe Batavia het uitgangspunt is geweest van het Nederlandsch
gezag over Java. Ik kan mij hier evenwel bepalen tot Sumatra.
» Te Padang kwam onze vestiging niet tot stand dan na hevigen
strijd. In November 1664 verjoeg de commandeur Gauw met
j behulp van 14 gewapende schepen en 300 soldaten de Atje-
j hers van Padang. richtte loges op te Tikoe, Priaman,
7 Padang en Salida, en liet op laatstgenoemde plaats 5 kruisvaar-
t tuigen en 100 soldaten achter. In het volgend jaar werden
j zoowel te Padang als te Tikoe onze assistent en verscheidene
j soldaten vermoord. De eerste poging om hierover wraak te ne-
j men mislukte; de aanvoerder Jacob Gruis vond met de mees-
f ten zijner volgelingen den dood. Eindelijk herstelde Abraham
[ Versprcet het Nederlandsch gezag, dat zich evenwel niet verder
dan Padang uitstrekte. De memorie van den opperkoopinan
e