HomeDe tweede expeditie tegen Atjeh: een bijdrage tot indische krijgsgeschiedenisPagina 9

JPEG (Deze pagina), 0.96 MB

TIFF (Deze pagina), 8.56 MB

PDF (Volledig document), 70.92 MB

` IP.
DE TWEEDE EXPEDITIE TEGEN ATJIH. 7
meester van de onontbeerlijke behoeften der bevolking, maar tevens
van de voornaamste inkomsten des lands, ’t geen soms tot eene spoedige
onderwerping aanleiding gaf. Stelden de nieuwaangekomenen zich aan-
vankelijk met een beperkt gebied tevreden, strekten zij het niet ver-
l" der uit dan voor hunne veiligheid noodig was, wisten zü hunne oog-
merken en verdere bedoelingen te verbergen, dan had wel eens het
volgende plaats. Zij brachten of den inlander tot rust, namen hem _
als ’t ware de wapenen uit de hand en er ontstond eene gewenschte
toenadering, of de verdeeldheid en strijdige belangen der inheemsche
bevolking, die ter zijde waren gesteld zoo lang zij een gemeenschappe-
lijken vijand te bestrijden had, kwamen voor den dag, waarbij het
gebeurde dat de vreemde indringer, als scheidsrechter opgeroepen,
door een der partijen de landspalen werd binnengeleid. Intussehen
leert de geschiedenis van meest alle Indische volksstammen, die hunne
oorspronkelijke onafhankelijkheid verloren , dat eene vreemde nederzet-
ting vroeg of laat met ernstige botsing gepaard ging. In één woord:
kwam men als vriend, - dikwerf slechts met enkele huisgezinnen,
maar die spoedig door meerderen gevolgd werden -- zoo duurde het
in den regel niet lang, of die zoogenaamde vriendschap ging in bit-
tere vijandsehap over, en vertoonde men zich als vijand aan de vreemde _
kust, dan was de oorlog onvermijdelijk en het spoedig verkrijgen van
eene versterkte positie dubbel noodzakelijk, om er zich te handhaven
en te trachten de inboorlingen te onderwerpen of allengs naar de bin-
nenlanden terug te dringen. Dat doel moest in de eerste plaats ook
te Atjih worden bereikt, en wij leerden bereids de omstandigheden
kennen waaronder het in bezit nemen van Kota Radja plaats vond.
De opportuniteit en het minder of meer noodzakelijke van dezen oor-
log geheel in het midden latende, zal het niet onbelangrijk zijn alvo-
rens dit opstel te vervolgen onze Indische geschiedboeken eens op te
2 slaan en met een enkel woord te wijzen op eenige punten, zoowel van
overeenkomst als van tegenstelling, met andere oorlogen in den Ar-
, chipel gevoerd. Hierdoor zal eene vergelijking mogelijk worden tus-
ï sehen vroegere toestanden en ’t geen heden in ’t noorden van Sumatra
j voorvalt, zonder dat wg daarbij ver in de krijgsgeschiedenis behoe-
` ven op te klimmen. De verovering van Palembang in 1821 en enkele
` tijdperken uit den langdurigen krijg op Sumatra’s westkust ­- boven-
landen van Padang ­-· bieden genoegzaam punten van vergelijking aan,
E om zich den betrekkelijk langen duur van deze expeditie beter te kun-
. j nen verklaren en zich voor verdere ongegronde teleurstelling te vrijwa-
j ren. Ook hier is van toepassing:
,,In het heden
E Ligt ’t verleden;
Y In het nu,
g Wat worden zal."