HomeDe tweede expeditie tegen Atjeh: een bijdrage tot indische krijgsgeschiedenisPagina 56

JPEG (Deze pagina), 1.03 MB

TIFF (Deze pagina), 8.52 MB

PDF (Volledig document), 70.92 MB

jj .
lw-
· T
E 54 DE TWEEDE EXPEDITIE TEGEN ATJiH.
j schil over de verdeeling der inkomsten tusschen den radja van Perlak
t en züne rijksgrooten bijgelegd, eene gelijkluidende verklaring van hem,
ll evenals vroeger van den radja van Edi, gevorderd en de acte zijner
° erkenning uitgereikt; was, begaf hij zich naar Pedawa besar. Ook daar
l moest de vrede hersteld en Neerland’s oppergezag bevestigd worden. De
Q, ons onderworpen radja namelijk werd met zijn stiefvader Nja Aboe
j door een duizendtal zijner tegen hem opgestane onderdanen te kota
Simpang ingesloten en belegerd. Met züne sloep voor de passar aan-
i gekomen. nam de assistent­resident zijn intrek in de woning van den l
l Chineeschen pachter als neutraal terrein, terwijl een vrij levendig ge- ‘
weervuur op aanzoek van den hem vergezellenden T. moeda Angkasa,
] radja van Pasei, onmiddellijk was gestaakt. De oproerige hoofden, tegen
gj den volgenden dag büeengeroepen, verschenen hoewel zwaar gewapend
met kalmte en waardigheid voor den heer De Scheemaker en gaven te
l kennen, nadat hij hen het strafbare hunner handelwüze onder ’t oog jj
had gebracht, alle eerbied te koesteren voor de Hollandsche vlag en
j hun radja Habib Mohammed. Zij wenschen echter hunne inkomsten
te zien geregeld; want nu die van den radja vermeerderd waren, ver-
j meenden zij, dat ook aan hen een deel er van rechtmatig toekwam. W
‘ Bovendien was Nja Aboe, in sträd met de door hem afgelegde belofte
F om voorloopig in Edi verblijf te houden, met een dertigtal gewapende
" volgelingen naar kota Simpang teruggekeerd, waarom ook zij de wa-
l` pens hadden opgevat. _
jl Er bestonden alzoo van weerskanten grieven en aanspraken, waaraan
wel op een rechtvaardige wijze, maar tevens met handhaving van ons
· oppergezag moest worden voldaan.
De onderhandelingen duurden vier dagen en eindigden dat, evenals j ¤·
te Perlak, alle oneenigheden werden uit den weg geruimd. Na het i
teekenen van de overeenkomst brachten de Europeesche autoriteiten den l
l radja een bezoek om getuigen te zgn van boetedoening aan de eene Q;
en het hersteld gezag aan de andere zijde. il
De pendoppo tot op eenige passen genaderd zijnde, bleven de tot ge- 4
hoorzaamheid teruggebrachte hoofden staan en riep de sjabandar, na-
li mens hen, met opgeheven handen uit: >>Toekoel wij hebben gezon­ _
digd tegen God, tegen_den Profeet en tegen U; ....... Vergiffenis!"
ll Tot driemalen toe werd die bede herhaald, waarop de jonge radja ant-
woordde: >>God vergeve het U." Toen kwamen de hoofden in de ·
pendoppo, bukten zich voorover en brachten de hand van den radja 1
aan het voorhoofd. Na afloop van deze plechtigheid en eene korte toe-
spraak van onzen ambtenaar om allen aan hunne verplichtingen tegen-
over den vorst en het Nederlandsche gouvernement te herinneren, gaf
hij het bestuur aan zijn opvolger Mr. J. van Kaathoven over.
r Deze vrede aanbrengende oplossing werd zonder eenig wapengeweld
V verkregen; een bewijs dat men door eene rechtvaardige en toegevende v


.·. jg J .>,. ._ A