HomeDe tweede expeditie tegen Atjeh: een bijdrage tot indische krijgsgeschiedenisPagina 5

JPEG (Deze pagina), 1.01 MB

TIFF (Deze pagina), 8.42 MB

PDF (Volledig document), 70.92 MB

we
r
l
l
DE TWEEDE EXPEDITIE TEGEN ATJIH. 3
i al staan ze onder een eigen of zelfstandig bestuur, tot het gebied van
i Neerlandsch-Indië behooren en eene tuchtiging verdienen wegens schen-
ding van tractaten, zee- en strandroof, het plegen van vüandelijkheden
L . en daden, die naar de beginselen van ’t volkenrecht niet geduld mogen
worden. Hierbij is het hoofddoel ons gezag te handhaven en door
r een krachtig optreden den inlander op eene gevoelige wüze te herin-
‘ neren aan het beginsel, dat het opperbestuur nimmer straffeloos kan
` worden gehoond. Is dat doel bereikt en zün de noodige waarborgen
L , verkregen voor eene rustige vredelievende toekomst, dan trekt men
H · terug en de expeditie is meestal binnen weinige maanden geëindigd.
i Onder de tweede komen de oorlogen voor tegen oproerige onderda-
nen, wier onderwerping, ’t zü bij tractaat, ’t zü door wapengeweld was
verkregen, of tegen rustverstoorders die trachtten zich op de een of
andere wüze aan ons bestuur of oppergezag te onttrekken; zü eindigen
gewoonlijk zoodra de opstandelingen tot gehoorzaamheid teruggebracht,
orde en rust hersteld en Neerland’s belangen verzekerd zün. In ge-
heel onbekende streken of als het verzet een grooten omvang verkreeg `
en lang werd volgehouden, leverden zü vele moeilijkheden op. Naar-
mate van onze bekendheid met land of kust, de wenschen en de be-
langen der bevolking of wel de politieke en maatschappelijke toestan-
den van den vüand, vermeerderden de gegevens voor eene doelmatige
samenstelling van de expeditie; en bleek het, dat enkele hoofden of
een deel van het volk ons trouw waren gebleven, of bood het land
i genoegzame hulpmiddelen aan waarover men beschikken kon, dan be-
. stond er veel kans om spoedig te slagen. Dan worden de in tropi-
sche gewesten zoo onontbeerlijke transportmiddelen en alle benoodigd­
‘ heden, die men in eigen boezem niet vinden, door eigen kracht niet
scheppen kan, al spoedig verkregen; men staat niet alléén te midden
van eene tot den laatsten man gewapende bevolking; men vindt steun
ii en hulp; men kent het brandpunt van den tegenstand; men tast niet
in den blinde rond en weet waarheen zijne schreden, tegen wie zijne
slagen te richten; in één woord, men gaat met vertrouwen de toe-
j komst te gemoet. Toch heeft, zelfs bij die voordeelige kansen, eene
Q treurige ervaring geleerd, dat er meestal een reeks van jaren noodig
H is om het doel te bereiken, de rust te herstellen en ons gezag duur-
zaam te bevestigen. Daartoe werd op Sumatra’s westkust meer dan j
twintig jaren en op Java een onafgebroken vijfjarige oorlog vereischt,
zonder te gewagen van den langdurigen strijd, die tot de onderwer-
r ping van Borneo’s kusten en Palembang’s hooglanden, of van Bali en
op Celebes werd gevorderd.
i Tot de laatste categorie eindelijk kunnen de veroveringsoorlogen
i gerangschikt worden, met het doel een onafhankelük rijk tot een
wingewest te maken, of een zijn vrijheid en zelfstandigheid verdedi-
gend volk door geweld te onderwerpen; een oorlog zoo als thans tegen
Atjih wordt gevoerd. Deze zün de moeilijksten van allen. Hierbij
l
j .
1 {