HomeDe tweede expeditie tegen Atjeh: een bijdrage tot indische krijgsgeschiedenisPagina 35

JPEG (Deze pagina), 1.02 MB

TIFF (Deze pagina), 8.46 MB

PDF (Volledig document), 70.92 MB

DE TWEEDE EXPEDITIE TEGEN ATJHI.
­
agressieve bewegingen van den vijand in omloop, die evenwel tot niets
hadden geleid, toen in den nacht van 21 op 22 Juni de bezetting
onzer zuidelijke linie in een kort maar hevig vuurgevecht werd gewik-
keld, dat tegen 3 uur in den morgen met verdubbelde hevigheid ook
tegen de ooster­ en vvesterliniën werd hervat. Hoewel krachtig door
j onze troepen beantwoord, bleef het zóó lang aanhouden, dat de be-
velhebber het noodig achtte eene colonne onder bevel van den majoor
5 Mekern naar Mandarsa poeti te zenden, ten einde het meest bedreigde
l punt onmiddellijk ter hulpe te kunnen snellen en onze post te Setoe-
j zuid te versterken. De in den boschrand van Lampriet genestelde vij-
· j and werd al spoedig verjaagd, sterke patrouilles doorkruisten het ter-
' rein, zwakke punten werden beveiligd, en de noodige maatregelen ge-
troffen om den met zooveel ophef aangekondigden algemeenen aanval af
te weren, die even als vroeger achterwege bleef. ‘
In Juli kwamen al meer en meer berichten in , dat nu eindelijk de
groote slag geslagen zou worden; 500 man hulptroepen onder T. Pakeh
uit Pedir, 200 uit Endjoeng, 150 uit Merdoe en 100 uit Samalan­
j gan, hadden zich bij de Atjineezen aangesloten, ten einde onder aan-
voering van imam Longbatta onze postenketen door te breken en den
j gehaten kalir het land te doen ontruimen. Alles ­- zeide men -­
was voor den grooten on laatsten slag gereed ...... doch de slag viel
l niet; ook dat plan werd onuitgevoerd gelaten. Onze troepen bleven
in het rustig bezit van de ingenomen stelling , terwijl den vijand daaren-
tegen weinig rust werd gegund; zoo had Lamtermin (*) met omliggende
` j kampongs veel te lijden; meermalen werden een aantal woningen in
l brand geschoten en de Atjineezcn uit eenige hunner gewichtigste wacht-
posten in de XXII M. verdreven. Overigens was men met de opruiming
j der terreinhindernissen zuidwaarts van Longbatta zoo verre gevorderd,
dat de in die richting gelegen kampongs onder het bereik van ons
l werkzaam vuur gekomen, door de bewoners met have en goed werden
_ l verlaten, terwijl de veel verbeterde gezondheidstoestand een heilzamen
invloed op de troepen uitoefende, die met den besten geest bleven bezield.
I Verkenningen aan niet al te vermoeiende patrouilleeringen gepaard,
A dienden niet alleen tot veiligheidsmaatregel in onze liniën, maar tevens
° tot afwisseling van minder aangename werkzaamheden, die dikwerf van
den soldaat gevergd moesten worden. ’t Was een uitstekend middel, ·
dien vrolijken zin en die blijvende opgeruimdheid bü hem levendig te
houden, zoo noodig in een klimaat en onder omstandigheden, alleszins
i geschikt om misnoegen of eene sombere stemming op te wekken.
` De ontmoetingen met den vijand waren daarbij van weinig beteeke-
nis, uitgezonderd een patrouillegevecht op den /1-‘ï·’¤ September, dat een
meer ernstig karakter dreigde aan te nemen. Tijdig toegezonden hulp
en een levendig granaatvuur uit Longbatta­Mesigit en Lohong O. deed
hem echter al spoedig terugtrekken , waarbij hem aanzienlijke verliezen
(*) Even bezuideu Lamtcboe. (Komt op de kaart niet voor.)
ïl
,.. ·*