HomeDe tweede expeditie tegen Atjeh: een bijdrage tot indische krijgsgeschiedenisPagina 29

JPEG (Deze pagina), 919.90 KB

TIFF (Deze pagina), 8.62 MB

PDF (Volledig document), 70.92 MB

DE TWEEDE EXPEDITIE TEGEN ATJIH. 27
Ten einde die vücmd met eenig succes te kunnen bestrijden of zich
j zoo veel doenlijk voor züne aanvallen te vrijwaren, bracht eene genees-
i kundige commissie op den 15000 Juli een breedvoerig rapport uit, waar-
J van ik het belangrijkste hier doe volgen.
« 10. Het aantal posten in de onmiddellijke nabijheid van het strand
g en de lagunes (doorweekt en moerassig terrein) te beperken.
9.0. Vereenvoudiging der transportdiensten, ook door de uitzending
van pikolpaarden.
E 30. Reductie der bezetting van Kota Radja tot een minimum, op-
j hooging van het terreplein dier sterkte, opruiming der haar omgevende
j bamboedoerie~heg, beplanting zoovvel daar als elders van de beschik-
i bare ruimte met zonnebloemen en eucalyptus globulus en overbrenging
j van het groote hospitaal naar de vlakte van Pantej-Perak (grasvlakte
V van Penajoeng).
j 40. Verbetering van het logies der troepen door ventilatie en het
i dekken der gebouwen met atap in stede van zink of asphaltvilt.
j 5°. Wüziging in de kleeding, vooral in het hootixldeksel, uitreiking
van wollen of baaien equipementstukken.
60. Het boren van een tweeden artesischen put te Pantej­Perak.
. 7°. Dagelijksche uitreiking van een ration rooden wün aan de be-
. zetting der posten langs kust en lagune.
V 8°. Uitbreiding der gelegenheid tot reiniging, des noods met behulp
van Nortonpompen, op de posten binnen ’s lands.
4 90. Oprichting van eene oflicierssocieteit en cantine voor de man-
, schappen.
E 100. Geregelde evacuatie - ook van gezonden - na. een verblijf
l van hoogstens één jaar te Atjih.
I 110. Beschikbaarstelling van ruimer logies aan boord voor de aan-
li vullingstroepen en verschillende maatregelen tot bespoediging harer in-
. deeling na de ontscheping.
"§ 12". Het ontlasten van ’thospitaal door den bouw van kleinere zie-
keninrichtingen op de posten Langkroek, Kota Alam, Longbatta­zuid
en Blang­Oe.
130. Bevordering van de geregelde cultuur der braakliggende gronden.
140. Voorzieningen tegen inundatie der bezette terreinen.
Men trachtte onmiddellijk aan het bovenstaande te voldoen of de
uitvoering zoo dra mogelijk te doen volgen, In verband hiermede kon- E
den al spoedig te Padang, Fort de Kock, Batavia, Kampong Makassar, i
Batoe Toelis, Oenarang, Magelang en Sindanglaja ongeveer 3000 zieken
en convalescenten verpleegd worden, terwijl de belangrijke vraag zich
voordoet of de eilanden Nasi, Bras en VVay, die men zegt zeer gezond
te zijn en zoo bijzonder door hare ligging aanbevolen, niet voor een
dergelijk doel zouden zijn in te richten.
Ook de voeding der expeditionaire macht werd niet uit het oog ver-
loren en zoo ze van Rijksvvege aan het in stand houden der gezond-