HomeOver de eerste expeditie tegen AtjehPagina 16

JPEG (Deze pagina), 786.54 KB

TIFF (Deze pagina), 7.19 MB

PDF (Volledig document), 15.46 MB

j - ll -­ i
Dus toch gevoeld, hoewel slechts in ondergeschikten zin; en wie p
kan het plus ou moins der gevolgen van dat gemis voor die vroe-
gere veldtogten nog bepalen? Doch noodig schijnt zulk een staf
niet te wezen. Maar dan hebben andere legerkommandanten, o. a.
A generaal Knonsmï, die herhaalde voorstellen deed tot oprigting
g daarvan, gedwaald. Blijkens uwe noot van blz. 126 , hebt gij zelf g
herhaaldelijk de oprigting voorgesteld van een Bureau voor de Sta-
tistick, wat reeds een onderdeel is van de stafdienst, en met
iets meer, waarop ik straks zal wijzen, zou men al vrij ver geko-
men zijn. Later we1·den de topografische verkenningen beter georgani-
seerd. Na het mislukken van de eerste expeditie, organiseerde men, in
Junij ’73 , het reeds genoemde ,, bureau voor de krijgstoerustingen op
i Sumatra ," afgescheiden van het Departement van Oorlog, en met
de bepaling dat het personeel van dat bureau voor het meeren-
deel bij den staf van de tweede expeditie zou worden ingedeeld 3
of daaraan toegevoegd: een vermomde generale staf. De behoefte j
werd dus langzamerhand duidelijker gevoeld, 1nen begon de put
i te dempen, en ziet! de staf is er thans, niet langer een tijde- ·
lijke, partieele of vermomde, maar een blijvende, wezenlijke
i Generale Staf. De behoefte is dus geconstateerd.
Maar gij wildet niet toegeven, dat het gemis van zoo’n staf ä
tot het mislukken van de eerste expeditie zou hebben bijgedragen.
j Gij geeft te kennen, meen ik, dat hetgeen van dien aard te doen
viel tot de gewone kennis van den officier behoort. Toch niet, -
L Generaal; het is niet de zaak van ieder oflicier om bv. gidsen, i
spionnen en kondschappers te gebruiken en te dirigeren; krijgs-
j gevangenen te ondervragen ; juist te zien bij taktisehe verkennin-
i gen, en daarover juist te rapporteren; de ingekomen rapporten en
l berigten met intelligentie te lezen; tusschen al die verspreidde
` gegevens het verband te vinden, daarvan een goed geheel te ma-
i ken, en daaruit tot juiste gevolgtrekkingen te komen die den
aanvoerder tot voorlichting kunnen dienen. Dit alles nu is geen
geleerdheid in de ongunstige beteekenis van kamergeleerdheid,