Homeaan het Nederlandsche volkPagina 10

JPEG (Deze pagina), 785.03 KB

TIFF (Deze pagina), 6.66 MB

PDF (Volledig document), 18.18 MB

l
._ 8 ... E
t
explicatie van mijne octrooijen gegeven. Zijne Excellentie
eischt van alle opgegevene machines teekeningen en expli- j
catie naar waterweegkundel Daartoe behoefden 3,000 i
en zes maanden tijd, en daarom bood ik aan, de leverin- E
gen voor mijne rekening te doen, onder goed- of afkeu-
ring; maar eene zeer onheusche en trotsche weigering van
dien Minister was het resultaat.
ln 1845 ook, vereerde mij wel de Staten-Generaal met t
de lezing, met vermelding in de Staats-Courant en het ter ij
griffie deponeren van mijne voordragt, "om met Munt- .
billetten de oude en gesnoeide zilveren Munt te verwisse- {
len en alzoo, in plaats van met nadeel, Zestig Millioen
Guldens le gewirznen.°°
En toch werd een ander plan gevolgd, ook wel met
Muntbilletten, maar met een verlies van Zeven Millioen
Guldensl De Regering schijnt nu het bestaan van papie-
ren Blunt tegen te werken in het belang van rijkvermo- i
genden, en immers zoo 6/gft de Natie de dupe!
In 1847 gekozen zijnde door een honderdtal Reeders en
Kapiteins, om, onder den titel van Zeevaart-Maatschappij,
alle de door de Regering verzuimd wordende belangen der i
Koopvaardij te behartigen, vraag ik aanstelling als Inspec-
teur over stouwaadje der schepen en over verhuring van
Inferieure Zeelieden, beiden van hooge behoefte; maar de
Regering weigert, zonder eenige considerans, alleen een 1 .
advies van zoogenaamde behoudsmannen was haar genoeg, ,·
hetgeen ik ontdekte door dat intusschen een der Kapiteins, E
cijnsbaar aan een dier behoudsmannen, mij schriftelijk ver-
A zocht heeft, om zijnen naam van de lijst uit te schrappen.
R ‘ (Men bcoordeele eens, onder welke slavernij de Nederlan- i
ders onhedacht voortlevenl) Z
Nog in 4847 - men leze vooral ook dit aandachtig - ‘
deed ik uit naam van een groot aantal Reeders en Kapi-
teins en toen vereerd door de protectie van onzen Marine- ti
Officier, den Hoog Edelen Gestrengen Heer F. A. JOHB,
Kapitein ter Zee, het verzoek aan Zijne Excellentie den
Minister van Marine, om ondersteuning, “om te trachten lg
bij alle zeevarende Natiën eene gelijke Vliet te verwerven,