HomeIs de vrees voor vrijheid van circulatiebanken denkbeeldig?Pagina 6

JPEG (Deze pagina), 907.58 KB

TIFF (Deze pagina), 8.17 MB

PDF (Volledig document), 9.06 MB

6
l naauwkeurigheid en gestrengheid der controle van het publiek weinig
Q of niet te moeten staat maken.
In New­York dan is aan een Staatscommissaris de zorg toevertrouwd
voor aanmaak, nummering, teekening en boeking der billetten van
verschillende fractiën, die in den Staat kunnen circuleren. Geene
andere billetten mogen in omloop worden gebracht. Elke bank, zij het
i` privaatpersoon of vennootschap, die papier wenseht uit te geven, is
verplicht eene zekere hoeveelheid bij den commissaris aan te vragen
tegen onderpand van obligaties van New­York en van andere Staten,
oi wel van solide etfecten van verschillenden aard. Daardoor worden de
nemers van billetten in zekere mate tegen mogelijk verlies van Staats-
wege gevrijwaard. Wijders zijn de uitgevers gehouden elken dag van
van 10 tot 3 uur hun bureau van inwisseling voor het publiek geopend
te laten, en aan toonder specie uit te betalen- Blijven zij in gebreke,
i dan is de houder gerechtigd tot protest, en wordt acte daarvan aan den
t Commissaris overgelegd. Tien dagen respijt mag deze den non­betaler
toestaan, maar na dien termijn, tenzij in cas van wettige excusatie,
gi is hij verplicht in de Staatscourant te annonceren, dat al de houders
, van billetten des non­betalers zullen worden voldaan uit de fondsen,
die als onderpand der billetten onder hem berustende zijn.
En wat heeft nu de Regering verder gedaan om aan het publiek de
soliditeit van het circulerend papier, om zoo te zeggen, te waarbor-
gen? Op alle billetten, waarvoor onderpand in staatsobligaties is ge-
deponeerd, staat gestempeld: secured hy the pledye of public stocks;
op die, waarvoor andere waarden zijn verbonden: secured hy the
pledge of pubtic stochs and real estate. De regering geeft zoo doende
stilzwijgend te kennen: voor deze óiltetten sta ik ia, voor andere b. v.
van vreemde hanhen niet. Van andere bepalingen betreffende de ver-
houding van specie tot billetten en saldo’s zwijg ik hier, het boven-
staande zij voldoende.
Van de medegedeelde voorschriften een anderen grond, van die wet
eene andere ratio te vinden dan deze: ondoenlijkheid voor het groote
publiek om bij het nevens elkaar bestaan van meer banken de soli-
diteit. der billetten te beoordeelen, rn. a. w. weerloosheid van den
grooten hoop tegenover de billettenbanken, ­- is mij niet mogelijk
geweest.
Zoo blijkt het naar mijne beseheidene meening op het overtuigendst,
dat het voorzichtig is te stellen, dat met de vrijheid de gave des
onderscheids en des oordeels evenmin komt aanwaaijen als waar 1non0­
polie en privilegie elke controle tamelijk overbodig maken.
Al behoudt men derhalve het iolste recht de oorzaken der crises
g I