HomeVerzoekschrift aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal, betreffende den ijk van gasmetersPagina 10

JPEG (Deze pagina), 604.05 KB

TIFF (Deze pagina), 6.18 MB

PDF (Volledig document), 36.83 MB

6
zoo als in de adressen van 9 April 1868 en van 14 Februarij
1869 door verzoeker aan Uwe Vergadering ingediend en hierbij r
als bijlage A en B overgelegd, alsmede bp de beraadslaging g
bg gelegenheid van dat wetsontwerp gevoerd, is aangetoond, ,
dat door de algemeene omschrijving van den inhoud van een T
gasmeter in dat artikel 18 opgenomen, er groote ongelijkheid
moet ontstaan in de heffing van het ijkregt tusschen de drooge
en de natte meters;
dat, wel is waar, door den Minister van Binnenlandsche
Zaken toen is gezegd dat het wetsvoorstel niet belette, om bg i
de uitvoering der wet op dat verschil te letten en de regle- l
menten in dien zin konden worden zamengesteld, dat er ge-
lijkheid in de heffing van het ükregt zou plaats hebben, doch
dat het altoos onzeker blijft of de stellige bepaling der wet
daar geen bezwaar tegen zal opleveren; j
dat, zooals Uwe Vergadering uit de hierbü gevoegde bijlagen V
zal zien, in de door de Regering ontworpen reglementen geen [
bepaling wordt gevonden, waardoor aan de ongelijkheid waarop ‘
verzoeker heeft gewezen, te gemoet wordt gekomen en hij in
dat opzigt verwüst naar de brieven door hem aan de Regering
geschreven den 28 Julij en 20 Augustus 1870, insgelijks als
bijlagen hierachter gevoegd.
Redenen waarom adressant de vrüheid heeft genomen zich
tot Uwe Vergadering te wenden met het beleefd verzoek S