HomeVerslag van het bezoek aan de munthuizen te Berlijn, Hannover, Brussel, Londen en Parijs in het najaar van 1873Pagina 58

JPEG (Deze pagina), 654.34 KB

TIFF (Deze pagina), 7.16 MB

PDF (Volledig document), 42.46 MB

I? ‘
ill
, 56
eene surcharge vertoonen, waarschijnlijk omdat de proef
beëindigd wordt alvorens de laatste sporen loodoxyde uit
de broodjes verdreven zijn. Van die surcharge houdt men
y rekening, en het rocheeren met begeleidend spatten wordt
geheel voorkomen. Te Londen worden de kupelovens met
j anthraciet gestookt. .
?j De overige manipulatiën aan de Engelsche Munt komen
overeen met die te Berlijn; het uitkoken van het goud- r ‘
’ zilver-alliage geschiedt in den hierboven genoemden platina
jp toestel, doch men heeft slechts ééne koking in het zuur
V van 32" BAUME; deze wordt niet 10, doch 20 minuten
vooitgezet; de koking in het zuur van 220 B. wordt 15
jl minuten aangehouden. ' I·
Te Brussel en te Parijs volgt men in de hoofdzaken de
bekende voorschriften van CHAUDET, neergelegd in zijn
lj aArt de l’essayeur, 1835.>> De kupeloven in laatstgenoemde
Munt heeft insgelijks eene vrij groote afmeting; de moffel
is diep 20, hoog 10 en breed 12 cm.; het is een dubbel-
oven. Opmerkelijk is de handelwijze te Parijs, dat, na
jj het afdrijven der goudproef, de kupel met nog vloeibaren `
inhoud uit den moffel genomen wordt, om daarbuiten het
verschijnsel van het zoogenaamde blikken te doen plaats
jj vinden.
De algemeene indruk in de verschillende door mij be-
zochte laboratoria van vreemde munthuizen ten opzichte
pl der details van de gewone goudproef ontvangen, is ge-
weest, dat hier het spreekwoord wellicht bewaarheid wordt:
avariis modis bene tit.» Door opzettelijk onderzoek aan
’s Rijks Munt zal eene keuze moeten worden gedaan, en
lf die manipulatiën door het Muntcollege voorgeschreven,
‘ welke de beste uitkomsten langs den kortsten weg kunnen
jl opleveren.
jl
I
I
I
I
I