HomeVerslag van het bezoek aan de munthuizen te Berlijn, Hannover, Brussel, Londen en Parijs in het najaar van 1873Pagina 32

JPEG (Deze pagina), 719.30 KB

TIFF (Deze pagina), 7.10 MB

PDF (Volledig document), 42.46 MB

l
j l

30
l doch aan de overige door ons bezochte Munten is men!
j daarmede zeer spaarzaam. Vanneer men zonder veel
zorg en herhaalde malen goudreepen gloeit, loopt men de
j kans aan de eene zijde brosheid te voorschijn te roepen, i
aan de andere zijde heeft men een vrij aanzienlijk verlies
niet alleen aan koperoxyde bij het blanchiment, maar ook
aan goud, dat als het ware mechanisch wordt losgescheurd
van de geoxydeerde reepen of platen.
Van de gloeiingen en het blanchiment wil ik een kort
E overzicht geven, zooals het geschiedt te Berlün, Hannover
en Londen. In de eerstgenoemde Munt fabriceert men
gele, in de twee andere inrichtingen roode goudstukken.
Te Berlijn worden de tinnen niet gegloeid vóór of na het
pletten. De platen evenwel, onrniddelük nadat ze aan de
reepen ontnomen zijn, worden bij partüen van circa 20 kilo-
Z grammen (2500 twintigncark- of 5000 tienmarkstukken) in
j smeedijzeren buizen, die hermetisch te sluiten zijn, in een
ik gesloten ijzeren moffel gegloeid; de platen zijn gemengd
ll, met poeder van houtskool, om de oxydatie te vermijden.
Men laat ze in de buizen bekoelen; daarna worden ze ~
gejusteerd en met het randschrift voorzien om andermaal
l in een gesloten moifel, doch nu in contact met de zuur-
·i stof der lucht, dus in een open ijzeren bak, te worden
1, verwarmd; ter nauwernood echter tot de donker roode
gloeihitte. De platen loopen door die ternperatuursverhoo-
ging even dam, zooals men zich in de techniek pleegt uit
te drukken, d. i.: er ontstaat een uiterst dun laagje koper-
t oxyde, dat door de behandeling der vooraf gekoelde platen
I met verdund zwavelzuur, hetgeen tot de kookhitte is ge-
l bracht (de immersie duurt slechts ééne minuut), volledig
e wordt weggenomen. De sterkte van het aan te wenden
zwavelzuur is eene zaak van ervaring; men is er door
V
sx
‘l